H4 samenvatting HS1

Download Report

Transcript H4 samenvatting HS1

Samenvatting: hoofdstuk 1
Hulp ter voorbereiding van het
tentamen
Geografie

Wat is het verschil tussen fysische en sociale
geografie?

Fysische geografie  over de relatie tussen
natuurkundige processen en plaatsen

Sociale geografie  over de relatie tussen
mensen en plaatsen
Geld

Wat is het verschil tussen koopkracht en
BNI (BNP) / hoofd?
Vier aardrijkskundige dimensies

Verschillende manieren om tegen één
onderwerp of probleem aan te kijken
Economische dimensie
- Politieke dimensie
- Sociaal-culturele dimensie
- Ecologische dimensie
-
Centrum-periferie relatie

Een centrum-periferie relatie is op basis
van wederzijde afhankelijkheid  de
landen hebben elkaar nodig

Noem hiervan een voorbeeld voor de
situatie van China en west Europa

Waar is het centrum en de periferie van
Mexico te vinden?
United Nations Development Program
(UNDP)

Alternatieve manier van welvaart en
welzijn meten (anders dan alleen via BNI)

Human Development Index (HDI) (ook
wel VN- welzijnsindex genoemd)
Levensverwachting
Onderwijs en alfabetiseringsgraad
BNI per capita
-
-
Ongelijkheid

Sociale ongelijkheid: er zijn verschillen tussen
mensen

Regionale ongelijkheid: er zijn verschillen
tussen gebieden

Geef een voorbeeld van sociale ongelijkheid

Geef een voorbeeld van regionale ongelijkheid
Schaalniveaus

Lokaal  bijvoorbeeld de gemeente

Regionaal  bijvoorbeeld de provincie

Nationaal  het land

Continentaal  bijvoorbeeld Europa

Mondiaal  de hele wereld
Internationale arbeidsdeling

Verdeling van de wereld in gebieden op basis
van de sector (primair, secundair, tertiair)
waarin de arbeidsmarkt zich gespecialiseerd
heeft

Welke sector verwacht je dat bij
centrumgebieden opvallend groot is?

Hoe is dat bij de periferie?

En de semi-periferie?
Migratie

Waarom migreert men soms wel en
meestal niet?

Door barrières, er moeten genoeg
pullfactoren en/of pushfactoren zijn
Drie basisvormen van
bevolkingsgrafieken
Demografisch transitiemodel

Alle landen doorlopen een proces wat betreft hun
bevolkingsopbouw
1.
Hoog geboorte en sterftecijfer
Sterftecijfer daalt  sterke groei van de bevolking
Geboortecijfer daalt  kleine groei van de
bevolking
Nieuw evenwicht
2.
3.
4.
Waarom heet het een
transitiemodel?
Twee belangrijkste cultuurelementen
1 Taal
Bestaan allebei
uit zowel
materiële als
immateriële
cultuurelementen
2 Godsdienst
Gevolgen van diffusie
a Homogenisering door verwestersing
Op weg naar wereldcultuur?
b Heterogenisering vooral door migratie
Transnationale gemeenschappen
c Verharding van culturen
Opkomst fundamentalisme
Drie soorten vragen
Verklaren, uitleggen en
beredeneren
Verklaren

Verklaarvragen hebben twee delen:
-
Situatiebeschrijving
Algemene regel
-
Verklaren

Geef een sociaal geografische verklaring
voor de immigratie van Polen in Nederland
In Polen is weinig werk en zijn de lonen
laag, terwijl er in Nederland veel werk is
en de lonen juist hoog zijn. (situatie)
 Veel mensen emigreren naar landen waar
ze het economisch beter kunnen hebben
(algemene regel)

Uitleggen

‘Leg uit’ -vragen hebben ook twee delen
-
Oorzaak
Gevolg
-
Uitleggen

Leg uit dat het treinverkeer vaak stil komt
te liggen bij extreme kou
Door de kou bevriezen de wissels
(oorzaak)
 Als de wissels bevroren zijn kunnen de
treinen niet rijden (gevolg)

Beredeneren

Verassing, beredeneervragen bestaan ook
uit twee delen
-
Vergelijken van of
Het geven van redenen voor
Conclusie
-
Beredeneren

Beredeneer met behulp van het demografische
transitiemodel dat Mexico zich in fase 3 bevindt
Het geboortecijfer in Mexico is aan het dalen en
het sterftecijfer daalt ook nog steeds, net zoals
dat in fase 3 van het model het geval is
(vergelijking)
 Hieruit kan ik concluderen dat Mexico zich in
fase 3 van het model bevindt (conclusie)

Let op hoeveel antwoorden je
mag geven, geef er niet meer!