(on)gelijk van Trente - Protestants Nederland

Download Report

Transcript (on)gelijk van Trente - Protestants Nederland

Kerken van de Reformatie hebben de plicht naar 2017 toe de drie Sola’s te benadrukken
Eijk en het (on)gelijk van Trente
Door
dr. K. van der Zwaag
te Barneveld
De uitlatingen van kardinaal W .J. (Wim) Eijk, aartsbisschop van Utrecht over
de onverminderde geldigheid van de vervloekingen van het Concilie van
Trente hebben veel pennen in beweging gezet. Waren de uitspraken van Eijk
inderdaad zo verrassend? Naar mijn oordeel zijn ze tegelijkertijd waar én
onverstandig.
Wie de uitspraken van Trente naar waarde wil schatten
moet de achtergrond van het concilie verstaan. Het
Concilie van Trente (1545-1563) was het officiële
antwoord op de Reformatie en had als doel de
scheuring in het Westerse rijk te herstellen.
Keizer Karel V meende dat een bepaalde mate van
verzoening nog mogelijk was. Hij gaf de opdracht tot
het samenroepen van het concilie om op deze manier
politieke stabiliteit en godsdienstige vrede in zijn rijk te
garanderen, mede met het oog op de dreigende inval
van de Turken. Een veroordeling van Luthers leringen
zou de scheiding van het rijk onherstelbaar bezegelen.
De paus had echter aan de vooravond van het
concilie de hoop tot verzoening met de lutheranen
opgegeven. Zij moesten veroordeeld worden, liefst
snel, zodat het concilie gauw beëindigd kon worden.
Daarna zouden de hervormingen van de kerk beslag
moeten krijgen, een al eeuwen durende wens, maar
dat was een kwestie die het best door de paus ter hand
genomen kon worden.
Het Concilie van Trente eindigde in een grote
anticlimax. Als reactie op de protestantse doctrines
werden de rooms-katholieke leerstellingen zo scherp
mogelijk geformuleerd. Dat gebeurde onder meer
op het punt van de rechtvaardiging door het geloof
alléén, de mis, de transsubstantiatie, de verering van
de heiligen en de relikwieën en in het algemeen de
verhouding Schrift en traditie. We noemen in dit
artikel onder meer de verhouding Schrift en traditie en
de kwestie van de rechtvaardiging.
Schrift en traditie
Trente onderstreept hoe de door Christus en de
apostelen verkondigde waarheid niet alleen in de
Schrift maar ook in de ongeschreven overleveringen
te vinden is. De door Luther geproclameerde
alleengeldigheid van de Schrift werd bestreden omdat
de Schrift en traditie met gelijke eerbied (pari pietatis
affectu ac reverentia) tegemoet getreden moet worden.
De concilievaders wilden echter de verhouding van de
nr. 2 - februari 2014
twee kanalen (niet: bronnen) van de openbaring niet
precies definiëren.
De mening van enkele concilievaders over de
'genoegzaamheid' van de Schrift werd bijvoorbeeld
niet verworpen. Trente sprak niet over Traditie met
een hoofdletter, maar over tradities in het meervoud,
daarmee echter wel specifieke (kerkelijke) leringen
en praktijken op het oog hebbend. De nadruk lag op
de ongebroken continuïteit van de tradities met de
apostelen, wat het standaardantwoord werd op de
protestantse positie dat de kerk alleen gegrond is op
het Evangelie.
De nadruk van Trente op de continuïteit werd
soms zo benadrukt dat ze weinig ruimte liet voor
verandering. Deze nadruk bleef kenmerkend voor het
rooms-katholieke denken tot op de dag van vandaag.
Toch ligt de kwestie gecompliceerd omdat bij Rome de
traditie altijd een dynamisch karakter heeft. Schrift en
traditie vormen samen de ene schat van openbaring,
die toevertrouwd is aan de kerk, waarbij de authentieke
interpretatie ligt bij het leergezag (magisterium).
Samen met Schrift en traditie behoort het leergezag
tot de primaire bronnen van de theologie. Deze visie
is van belang om de aard van de vervloekingen
beter te begrijpen. Ze hebben enerzijds een eenmalig
karakter, anderzijds behoren zij tot de onveranderlijke
geloofsschat van de kerk (depositum fidei).
Rechtvaardiging
Het vraagstuk van de rechtvaardiging, een ander
fundamenteel conflictpunt tussen Rome en Reformatie,
kwam uitvoerig in Trente aan de orde. Trente benadrukt
dat het begin van deze rechtvaardiging ligt in “Gods
voorkomende genade door Christus Jezus” (canon 3).
Door Zijn roep, zonder enige eigen verdienste, worden
wij geroepen. Omdat wij door de zonde van God
zijn afgewend, worden wij “door zijn opwekkende
en helpende genade” waardig gemaakt “door vrije
toestemming en medewerking” ons te bekeren (canon
4 en 5).
31
Hier komt de typische rooms-katholieke gedachte
Tragisch misverstand
van de coöperatie om de hoek kijken. Kenmerkend
Heeft Trente recht gedaan aan de intenties van de
voor de leer van de Trente was afwijzing van zowel
Reformatie? De kritische uitspraken van Trente over
het pelagianisme als de protestantse opvatting van de
een louter toerekenende (imputatieve) interpretatie van
radicaliteit van de zondeval en de opvatting dat de
de rechtvaardiging zijn slagen in de lucht tegen een
doop (doopsel) de mens niet in een rechte verhouding
tegenstander die niet bestaan heeft. De reformatoren
tot God zou brengen. De mens kan zich niet zonder de
hebben de rechtvaardiging niet louter als iets uiterlijks
genade Gods bewegen naar de gerechtigheid, dat wil
als toerekening gezien, maar ook als iets dat de mens
zeggen door zijn eigen vrije wil.
daadwerkelijk vernieuwt.
Maar als het gaat over de wijze van voorbereiding,
De rechtvaardiging is niet alleen een juridisch
stelt Trente dat “de mens uit vrije wil zich naar God
rechtvaardig verklaren, maar ook een effectief
beweegt, ondersteund
rechtvaardig
maken
en geholpen door de
(wedergeboorte).
Het
goddelijke genade”. De
Woord van God schept
mens heeft enerzijds de
een nieuwe werkelijkheid,
Heilige Geest nodig om
die te omschrijven is als
te kunnen geloven (canon
genezen, levend maken en
3), anderzijds ontkent
wederbaren. Maar daarbij
Trente dat de vrije wil
ligt het ankerpunt in de
na de zonde van Adam
vreemde gerechtigheid in
verloren is gegaan, met
Christus (extra nos), die
een verwijzing naar de bul
men bij Rome in gevaar zag
van paus Leo X, Exsurge
gebracht.
Domine.
De vervloekingen
De
mens
wordt
berustten op een tragisch
door
het
geloof
misverstand dat terug te
gerechtvaardigd,
dat
voeren is op onkunde van de
wil zeggen: het is enkel
werken van de hervormers.
genade, maar zekerheid
De
afgevaardigden
hierover is niet te krijgen,
kenden de werken van
zo waarschuwt Trente
Luther niet dan alleen uit
tegen “het vermetel
de anti-reformatorische
vertrouwen van de
apologetische lectuur.
ketters”. In dat kader
Zo heeft Trente
keert Trente zich “tegen
de zekerheid van het
lichtzinnige vermoedens
geloof geloochend, vanuit
Kardinaal Wim Eijk (foto EPA)
van de voorbestemming”.
de gedachte dat deze
“Ook mag niemand, zolang dit sterfelijk leven
alleen een vleselijke zekerheid zou leren die geen
geleefd wordt, uit het mysterie van de verborgen
enkele prikkel tot heiliging kent. Trente was vooral
goddelijke
voorbestemming
steeds
vooral
geïnteresseerd in een effectieve heiligmaking, een
veronderstellen, dat hij met zekerheid tot het getal
inwendige rechtvaardigmaking van de mens.
van de voorbestemden behoort (…). Want zonder een
speciale openbaring kan niet geweten worden, wie
Waar én onverstandig
God voor zich heeft uitverkoren.”
Nu de uitspraken van Eijk. Ik zou ze willen typeren
Trente verwerpt de rechtvaardiging van het geloof
als waar en onverstandig. Ze zijn waar omdat Trente
in de zin van een toerekening van de gerechtigheid van
blijvend behoort tot de overgeleverde geloofsschat
Christus of als een gunst van God (canon 11). Scherp
van de kerk. Bij Rome kan de waarheid als zodanig
geformuleerd: “Als iemand zegt: het rechtvaardigende
niet veranderen, wel in de vorm veranderd worden
geloof, is niets anders dan het vertrouwen op de
in overeenstemming met de eisen van de tijd. Rome
goddelijke barmhartigheid, die wegens Christus,
zal een concilie nooit kunnen herroepen, omdat de
de zonden vergeeft, of het is alleen dit vertrouwen,
inhoud destijds onder leiding van de Heilige Geest,
waardoor wij gerechtvaardigd worden, hij zij
Die immers de kerk leidt, is uitgesproken.
verdoemd.”
Diezelfde gedachte was er ook tijdens het Tweede
32
PROTESTANTS NEDERLAND
Vaticaans Concilie (1962-1965) waar paus Johannes
XXIII sprak van het “bij de tijd brengen” (aggiornamento)
van de waarheid. De term betekent niet aanpassing
aan het heden, maar het overgeleverde in het heden
in zijn nieuwheid tegenwoordig stellen. Het Evangelie
is nooit simpel het oude bekende, maar het eeuwig
nieuwe.
Maar de uitspraken zijn ook onverstandig omdat Eijk
geen rekening had gehouden met de levende traditie
van de kerk. Na Trente is de kerk niet stil blijven staan
en heeft zij de overgeleverde leer voortdurend op
nieuwe wijze geformuleerd.
Dat gebeurde soms reactionair (Vaticanum I,
kruistocht tegen het modernisme, uitmondend in het
dogma van de onfeilbaarheid van de paus), soms in
een geest van openheid en dialoog (Vaticanum II).
Het is de fout van Eijk geweest dat hij de 16-de
eeuwse veroordelingen eenvoudig herhaalt met negatie
van de herformuleringen die er onder meer zijn op het
punt van de consensus over de rechtvaardiging tussen
de Rooms-Katholieke Kerk en de luthersen in Marburg
in 1999.
Toen werd gezegd dat de veroordelingen in de
zestiende eeuw niet meer van toepassing zijn op de
huidige kerken en dat de bestaande verschillen geen
kerkscheidend karakter meer hebben. Alleen al vanuit
oecumenisch oogpunt staan Eijks uitlatingen haaks op
de resultaten van de verschillende bilaterale dialogen
waarbij de Rooms-Katholieke Kerk betrokken is.
De uitspraken van Eijk getuigen van een
fundamentalistische lezing van de leer van Trente
als eindpunt. Dat is overigens ook gebeurd met de
documenten van Vaticanum II. Die getuigden van
een (soms onmogelijke) spanning tussen enerzijds
het vasthouden aan de traditionele overtuigingen
op het punt van de eucharistie, de paus en de
kerk, en anderzijds het creëren van belangrijke
(reformatorische?) openingen op het punt van de
belangrijke plaats van de Bijbel, de inbreng van de leek
en de actieve deelname van de gelovigen in de liturgie.
Terecht is gewezen op het feit dat we deze teksten
niet op conservatieve of progressieve wijze mogen
interpreteren maar deze moeten zien in het licht van
de voortdurende worsteling van Rome met haar eigen
traditie.
Nooit buiten Trente
Dat alles neemt niet weg dat Rome ook nooit buiten
Trente is getreden. Daarin ligt het onmiskenbare ‘gelijk’
van Eijk. Trente behoort tot de roomse geloofstraditie,
die ook in Vaticanum II is herhaald/bevestigd, al
zijn daar de accenten heel anders gelegd. Zowel in
structuur als in inhoud is Vaticanum II het tegenbeeld
nr. 2 - februari 2014
van Trente geweest. Maar feitelijk zien we dezelfde
inhoud.
En dat betekent concreet: Rome is nog steeds een
kerk die wezenlijk en ten diepste sacramenteel is: een
uitdeler van genade via de sacramenten, krachtens
het wijdingsambt van de priesterlijke macht en het
onfeilbare leergezag van de paus.
De Rooms-Katholieke Kerk beschouwt zichzelf
nog steeds als hoedster van de waarheid die regelrecht
teruggaat naar de eerste apostelen (de apostolische
successie), met als eersten onder hen Petrus. Het
pausschap blijft dan ook het grote struikelblok, niet
alleen richting de protestantse kerken, maar ook
richting de Anglicaanse Kerk en de Orthodoxe Kerken.
Er is de laatste weken verschillende keren gezegd
dat de veroordelingen niet personen betrof maar
opvattingen. Niemand zou de zaligheid ontnomen
zijn. Afgezien van de vraag of de kerk überhaupt bij
machte is het eeuwige lot van mensen te bepalen (in
positieve of negatieve zin), Trente was een vooruitgang
vergeleken met voorgaande concilies die niet alleen
mensen veroordeelden maar ook op de brandstapel
bracht (het bekende voorbeeld is Johannes Hus, die
door de kerk zelfs vrijgeleide werd beloofd naar het
concilie).
Maar dat maakt de ernst van de veroordelingen
er niet minder om. Ze getuigen van een compleet
misverstaan van de intentie van de hervormers en
ze zijn ingegeven door een overtuigd geloof in de
onfeilbare en onveranderlijke leer van de roomse kerk.
Ondertussen is er weinig reden om verontwaardigd
te doen over de veroordelingen van Trente. Krachtens
het principe van het ecclesia reformata semper reformanda
(de gereformeerde kerk moet steeds ge-reformeerd
worden), is Reformatie een dynamische zaak die haar
overwinning op Rome voortdurend moet bevechten.
Trente veroordeelde een geloofsopvatting die
geen blijk zou geven van een geloof dat in de liefde
werkzaam was, zeg maar de vruchten en werken
van het geloof. Is dat niet een boodschap die alle
protestantse kerken huiswerk geeft?
Huiswerk voor protestanten
Hebben protestanten het Bijbelse besef van de
zekerheid van het geloof kunnen vasthouden? Dat
wil zeggen het midden kunnen bewaren tussen de
uitersten van enerzijds een ‘roomse’ onzekerheid
(omdat de rechtvaardiging toch subtiel afhangt van
de heiliging, bevindelijk gezegd: het geloof van de
beleving) en anderzijds de zekerheid van het geloof als
vleselijke en ‘arrogante’ zekerheid (we delen immers
allen in Gods liefde en genade, hedendaags gezegd: we
zijn allen verbondskinderen)?
33
Rome heeft Trente officieel nooit herroepen. Nee,
maar op het punt van de rechtvaardiging is er onder
katholieke theologen het besef meer levend geworden
dat naast rechtvaardig maken er ook een rechtvaardig
verklaren is, los van elke menselijke verdienste.
Natuurlijk zal Rome de veroordelingen van Trente
niet opgeven, maar doen protestanten dat ook niet
met leerstellige beslissingen in het verleden van
bijvoorbeeld Nicea/Constantinopel (vrijzinnige kerken
geloven dat al lang niet meer, maar laten dit credo
netjes in historische grondslagen staan) of een schorsing
van 20-ste voorgangers als K. Schilder en R. Kok (het
is immers de ‘schuld’ van de synodes destijds, waar
huidige kerken weinig aan kunnen doen).
Is de vraag van Luther naar een genadige God
nog wel levend? Paus Benedictus XVI noemde deze
vraag actueel tijdens zijn bezoek in Erfurt in 2011.
Hij betwijfelde echter of die vraag nog leeft bij veel
protestanten in deze tijd. Wat is beter: een vrijzinnige
protestant of een behoudende katholiek?
Ik geef toe dat er onder katholieken soms een
ontstellende vrijzinnigheid heerst, maar dan zijn juist
de klassieke antwoorden op het gebied van de klassieke
christologie (zoals in de Jezus-trilogie van Ratzinger)
verademend. Er is onder katholieke theologen de laatste
decennia steeds meer oog voor de intentie van Luther
en de Reformatie.
Luther is geen rebel meer, maar wordt ook door
Rome als hervormer erkend die in de eigen kerk wat
te zeggen heeft. Natuurlijk, een rehabilitatie is voor de
kerkelijke hiërarchie (veel) te ver en zal er mogelijk nooit
komen. Maar zouden we dit proces niet positief-kritisch
volgen en waarderen daar waar dat mogelijk is?
In de aanloop naar 2017 – de herdenking van 500
jaar Reformatie – is het de taak van de kerken van
de Reformatie om de positieve boodschap van de
Reformatie (de drie sola’s) duidelijk te maken. Daarin
passen niet veroordelingen over en weer. Wie inzicht
heeft in de roomse zuurdesem van eigen hart en
beseft hoe moeilijk het is om werkelijk van genade en
naar het Evangelie te leven, heeft ook geduld met de
huidige Rooms-Katholieke Kerk.
In de Franse Bijbel1 wordt het Joodse volk aangesproken als bondgenoot
Israël-theologie in de Reformatie - 1
Door prof. dr. W. Balke
te ‘s-Gravenhage
De eerste Bijbel in de Franse taal danken wij aan een neef van Calvijn: Pierre
Robert, meestal bekend met de naam Olivétan, die helaas jong overleden
is (†1538). In de Bijbel van Olivétan staat ook de brief aan het volk van het
verbond van Sinaï, die lang is verwaarloosd, totdat de geleerde Eugènie Droz te
Genève er de aandacht op vestigde en vaststelde, dat V.F.C. = Votre Frère Calvin
= uw broeder Calvijn betekende. Hoewel dit door anderen betwist wordt,2 wat
wij in het midden laten - het is mijns inziens òf van Calvijn òf van Olivétan
zelf - hebben wij hier te doen met een uiterst belangrijk document van Israëltheologie uit de Reformatie.
Het Joodse volk wordt aangesproken als bondgenoot
(allié et conféderé!). Terwijl de paradox van wet en
evangelie in het Lutheranisme een positieve toegang
tot de Joden haast onmogelijk maakt, gaat deze brief
niet van dit schema uit.
1) Zie Hans Scholl, Verantwortlich und frei. Studien zu Zwingli und
Calvin, zum Pfarrerbild und zur Israeltheologie der Reformation,
Zürich 2006, aan wie wij de kopjes voor de leesbaarheid ontlenen.
2) Nathalie Szezech, “Calvin et le groupe de Neuchâtel. Décalages et
enjeux de la préface à la Bible d’Olivétan” in Bulletin Annuel IHR
XXXIV (2012-2013).
34
Er wordt gewezen op de val van de mens, de wet,
Gods verbondsluiting, de regeneratie en de Heilige
Geest. Dit is een typische lijn van Calvijn. Godfried
Locher heeft er op gewezen dat de innerlijke strijd van
de gelovigen zowel bij Luther, Calvijn, als de Joden is
te vinden.
‘Calvijn weet van de innerlijke strijd van de
gelovigen, de twijfel aan reinheid en kracht van
het eigen geloof, en hij is overtuigd: de Jood kent
deze strijd ook. Op deze weg tot de overgave, de
ernst en de treurnis van de vrome Joden in hun exil
(ballingschap), kwamen ook Calvijn en de Hugenoten
PROTESTANTS NEDERLAND