Presentatie Kalkman - ACIS - Universiteit van Amsterdam

Download Report

Transcript Presentatie Kalkman - ACIS - Universiteit van Amsterdam

Levensverzekering en faillissement
7 februari 2014
Prof. dr. W.M.A Kalkman
Hoofd Legal, Litigation & Compliance Nationale-Nederlanden/
Hoogleraar verzekeringsrecht Universiteit van Amsterdam
Agenda
• 
• 
• 
• 
Historie van de discussie
De rechten van de verzekeringnemer
De rechten van de begunstigde
Uitwinning van een levensverzekering in verband met:
•  Faillissement
•  Schuldsanering
•  Vereffening van een nalatenschap
2
1888 – De start van de discussie
•  HR 29 juni 1888 (weduwe Pondman); HR 5 december 1902, W.
7841 (weduwe Roodzant) ; HR 22 januari 1904, W. 8024 (weduwe
Veldman) – verzekeringnemer sluit op eigen leven een verzekering
met zijn echtgenoot als begunstigde. Tijdens faillissement overlijdt
de verzekerde. De curator heeft de begunstiging niet gewijzigd. De
begunstigde echtgenoot verkrijgt de uitkering krachtens eigen
recht. Schuldeisers kunnen niet aan die uitkering komen.
•  HR 5 december 1913, W. 9610; NJ 1914 p. 257-260 (weduwe
Fortmann); HR 15 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ2225, PJ
2007/35 m.nt. W.M.A. Kalkman – de bevoegdheid tot wijziging van
de begunstiging valt in de boedel; curator kan zichzelf aanwijzen
als begunstigde
3
1986-2006 Het wetgevingstraject
•  1986: Het wetsvoorstel inzake het nieuw verzekeringsrecht (19
529) ingediend bij de Tweede Kamer. Veel kritiek op
uitwinningsregeling
•  1998: In de faillissementswet en in het Wetboek van Burgerlijke
Rechtsvordering wordt de uitwinning van een levensverzekering
door de curator (faillissement) en de beslaglegger (conservatoir en
executoriaal derdenbeslag geregeld
•  2004: In het nieuwe erfrecht in boek 4 BW wordt de uitwinning van
een levensverzekering door de vereffenaar van een nalatenschap
geregeld
•  2006: Nieuw verzekeringsrecht treedt in werking. Gevolgen
overlijden tijdens faillissement in faillissementswet geregeld.
4
De rechten van de verzekeringnemer
•  aanwijzen en wijzigen van een begunstigde (7:966 BW)
•  recht om bewind op de uitkering in te stellen (7:966 BW)
•  afkoop (7:978 lid 1 BW)
•  premievrij maken (7:978 lid 2 BW)
•  belenen (7:979 BW)
•  geïnformeerd worden bij premie-achterstand (7:980 BW)
5
De rechtspositie van de begunstigde
•  aanwijzen van de verzekeringnemer als begunstigde
(A-B-A)
•  aanwijzen van een derde als begunstigde
(A-A-B)
6
Verzekeringnemer is begunstigde (A – B – A)
• 
Verzekeringnemer heeft de uitkering voor zichzelf bedongen. Hij
heeft in dit geval een voorwaardelijk recht op uitkering.
•  Zie Rechtbank Dordrecht, 12 mei 2010, ECLI:NL:RBDOR:
2010:BM5156
• 
Hij kan de uitkering niet buiten zijn vermogen om verkrijgen.
• 
Ook voorwaardelijk recht bij een blanco begunstiging (art. 7:967
lid 8 BW) (Van een blanco begunstiging is sprake indien alle als
begunstigde aangewezenen ontbreken, overleden zijn of
weigeren de uitkering te aanvaarden).
• 
Het voorwaardelijk recht op de uitkering maakt deel uit van het
vermogen van de verzekeringnemer, van zijn nalatenschap
alsmede van een eventueel aanwezige door zijn overlijden
ontbonden huwelijksgemeenschap. (art. 7:967 lid 8 BW)
7
Derde is begunstigde (A – A – B)
• 
De aanwijzing van een derde als begunstigde geldt als een
derdenbeding (art. 6:253 BW).
• 
Wanneer de verzekeringnemer een derde als begunstigde heeft
aangewezen, heeft de verzekeringnemer geen recht op de
verzekerde uitkering. Dit wordt de ‘leer van het zelfstandig recht’
genoemd.
• 
Vaste jurisprudentie van de Hoge Raad
•  HR 29 juni 1888, W. 5588
•  HR 27 maart 1953, NJ 1953, 575 m.nt. PhNAH
•  HR 6 juni 1990, BNB 1990/209 m.nt. Van Dijck
•  Hof Arnhem, 9 juli 1996, PJ 1996, 72 m.nt. Kalkman
•  Rechtbank Utrecht 23 december 2009, ECLI:NL:RBUTR:
2009:BK7569, PJ 2010/194 m.nt. W.M.A. Kalkman
8
Derde is begunstigde (A – A – B)
•  Leer van het zelfstandig recht: de derde begunstigde heeft een
zelfstandig recht op uitkering uit de levensverzekering, dat
rechtstreeks voortvloeit uit de verzekeringsovereenkomst. De
verzekeringsuitkering komt uit het vermogen van de verzekeraar en
niet uit het vermogen van de verzekernemer. De derde
begunstigde heeft recht op de uitkering, zelfs al doet hij afstand
van de huwelijksgemeenschap of verwerpt hij de nalatenschap
(behoudens andersluidende wettelijke regeling).
9
Wettelijke bepalingen kunnen leer van het zelfstandig
recht doorbreken
• 
Voorbeelden:
•  Faillissement (art. 22a lid 4 Fw)
•  Schuldsanering (art. 295 lid 6 jo. 22a lid 4 Fw)
•  Vereffening van de nalatenschap
•  Uitwinning rechten van de verzekeringnemer (art. 4:215
lid 5 BW jo. 22a lid 4 Fw)
•  Uitwinning rechten van de begunstigde (art. 4:216 BW jo.
Art. 4:128 BW)
10
(On)herroepelijke begunstiging
Herroepelijke begunstiging
•  Derde-begunstigde heeft slechts een kans heeft op de uitkering
van de levensverzekering. Wordt tijdens de looptijd van de
verzekering de begunstiging door de begunstigde aanvaard, dan
krijgt de begunstigde een voorwaardelijk recht op de uitkering.
• 
Wanneer wordt de begunstiging onherroepelijk?
•  Indien de derde de aanwijzing heeft aanvaard;
•  Indien het risico is geëindigd door het overlijden van de
verzekerde;
•  Indien een uitkering opeisbaar wordt;
•  Indien dit uit de overeenkomst voortvloeit (art. 7:968 BW).
11
Aanvaarding van de begunstiging
• 
Onherroepelijkheid van de begunstiging schept nog geen recht op
de uitkering.
• 
De derde-begunstigde krijgt (voorwaardelijk) recht op de uitkering
door aanvaarding van zijn aanwijzing (art. 7:969
lid 1 BW).
• 
Twee momenten van aanvaarding:
•  Tijdens de looptijd van de verzekering met toestemming van
de verzekeringnemer. De aanvaarding en toestemming van
de verzekeringnemer moeten schriftelijk aan de verzekeraar
kenbaar worden gemaakt (art 7:969 lid 1 BW)
•  Na onherroepelijk worden van de begunstiging in de gevallen
als bedoeld in art. 7:968 onderdeel b, c of d BW. De
begunstigde kan zonder toestemming van de
verzekeringnemer zijn aanwijzing aanvaarden.
12
Vereisten voor het verkrijgen van de uitkering
• 
De begunstigde moet in leven zijn ten tijde van het:
•  Aanvaarden van de aanwijzing en
•  Opeisbaar worden van de uitkering (art. 7:967 lid 1 BW)
• 
Tenzij van een andere bedoeling blijkt (bijvoorbeeld uit de
verzekeringsvoorwaarden anders voortvloeit)
• 
Doel van deze bepaling: voorkomen dat de begunstiging vererft,
ook als deze reeds door aanvaarding tijdens het leven van de
begunstigde onherroepelijk was geworden.
13
Uitwinningsregeling
•  Faillissement (art. 22a Fw)
•  Schuldsanering (art. 295 lid 6 jo. 22a Fw)
•  Vereffening van de nalatenschap
• 
• 
Uitwinning rechten van de verzekeringnemer (art. 4:215 lid 5 BW
jo. 22a lid 4 Fw)
Uitwinning rechten van de begunstigde (art. 4:216 BW jo. Art.
4:128 BW)
14
Faillissement/schuldsanering – curator heeft niet
meer rechten dan verzekeringnemer
•  Hoofdregel: curator/bewindvoerder heeft dezelfde rechten als een
verzekeringnemer.
•  Art. 22a* Fw beoogt de bevoegdheden van curator en
bewindvoerder te beperken indien het gaat om
levensverzekeringen met een verzorgingskarakter
•  Zie Hof Arnhem 16 oktober 2012 (Van Gent q.q./NationaleNederlanden), ECLI:NL:GHARN:2012:BY0621, PJ 2013/72,
JOR 2013/82 m.nt A.J. Verdaas
• 
* Voor schuldsanering geldt art. 22a Fw krachtens art. 295 lid 6 Fw. Deze laatste
bepaling is in werking getreden op 1 januari 2008
15
Faillissement/schuldsanering – curator heeft niet
meer rechten dan verzekeringnemer
•  Is begunstiging aanvaard vóór faillissement of schuldsanering dan
in beginsel geen uitwinningsmogelijkheden, tenzij sprake is van
paulianeus handelen (art. 42-45 Fw). Voorbeelden:
•  Begunstigingswijziging in het licht van faillissement en
voorzienbare uitkering. Moet gaan om onverplichte
rechtshandeling waarvan verzekeringnemer wist of behoorde
te weten dat die zou leiden tot benadeling van schuldeisers
•  Binnen 1 jaar voor faillietverklaring – wetenschap
verzekeringnemer wordt vermoed bij handeling om niet.
Onwetende begunstigde wordt beschermd indien hij uitkering
niet meer heeft.
•  Binnen 1 jaar voor faillietverklaring – wetenschap echtgenoot
wordt vermoed. Echtgenoot en familieleden worden in het
algemeen niet beschermd.
16
Faillissement / schuldsanering
Contractuele beperking of uitsluiting afkooprecht
•  Contractuele beperking of uitsluiting van het afkooprecht kan niet
worden tegengeworpen aan schuldeisers, de curator
(faillissement), bewindvoerder (schuldsanering) en vereffenaar
(nalatenschap (art. 7:986 lid 4 eerste volzin BW).
17
Faillissement / schuldsanering
Contractuele beperking of uitsluiting afkooprecht
•  Dit is alleen anders bij een verzekering die recht geeft op
periodieke uitkeringen of verstrekkingen, voor zover de ter zake
voldane premies, mede op de grond dat de verzekering bepaalt dat
zij niet kan worden afgekocht, voor de heffing van de
inkomstenbelasting in aanmerking konden worden genomen voor
de bepaling van het belastbaar inkomen uit werk en woning (art.
7:986 lid 4 BW).
•  Het gaat hierbij om:
•  Gerichte lijfrenteverzekeringen (art. 1.7 e.v. Wet IB 2001);
•  Brede herwaardering lijfrenten (art. T invoeringswet Wet IB
2001).
18
Faillissement/schuldsanering
Contractuele beperking of uitsluiting afkooprecht
• 
Niet van toepassing op:
•  Vóór 1992 gesloten lijfrenteverzekeringen (art. 75 Wet IB 1964)
•  Gouden handdruk stamrechten (art. 11 lid 1 onderdeel g van de Wet
op de loonbelasting 1964)
• 
Rechtspraak is verdeeld:
• 
• 
• 
Zie Hof Arnhem 16 oktober 2012 (Van Gent q.q./NationaleNederlanden), ECLI:NL:GHARN:2012:BY0621, PJ 2013/72, JOR
2013/82 m.nt. A.J. Verdaas: afkoop gerichte lijfrente in strijd met art.
7:986 lid 4 BW (hoger beroep van Rb. Almelo 25 januari 2012,
ECLI:NL:RBALM:2012:BV2914
Zie ook Rb. Almelo 5 juli 2010, ECLI:NL:RBALM:2010:BN0559, PJ
2011/13 m.nt. Kalkman);
Zie Rb. Den Bosch 1 februari 2013, ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ0566,
PJ 2013/109: afkoop gerichte lijfrenteverzekering niet in strijd met art.
7:986 lid 4 BW omdat fiscaal afkoopverbod geen absoluut
afkoopverbod inhoudt, maar beoogt sancties te verbinden aan afkoop.
19
Faillissement/schuldsanering – curator heeft recht op
afkoop en begunstigingswijziging
Rechten curator/bewindvoerder:
•  Recht op afkoop, tenzij verzekeringnemer of begunstigde hierdoor
onredelijk worden benadeeld (art. 22a lid 1 onder a Fw);
•  Recht om de begunstiging te wijzigen ten behoeve van de boedel,
tenzij verzekeringnemer of begunstigde hierdoor onredelijk worden
benadeeld (art. 22a lid 1 onder b Fw);
•  Curator mag verzekering niet belenen (art. 22a lid 1 onder c Fw).
20
Faillissement/schuldsanering
Recht op afkoop en begunstigingswijziging
• 
Mag slechts worden uitgeoefend met toestemming R-C
•  Zie Rb. Almelo 25 januari 2012, ECLI:NL:RBALM:2012:BV2914
• 
Toestemming R-C creëert geen bevoegdheid die strijd oplevert met de
polisvoorwaarden (bijv. afkoopverbod)
•  Zie Hof Arnhem 16 oktober 2012 (Van Gent q.q./NationaleNederlanden), ECLI:NL:GHARN:2012:BY0621, PJ 2013/72, JOR
2013/82 m.nt. A.J. Verdaas
• 
Toetsing van onredelijke benadeling vindt plaats door rechter-commissaris
•  Rb. Arnhem 6 december 2007, ECLI:NL:RBARN:2007:BC1186, PJ
2011/11
•  Rb. Almelo 5 juli 2010, ECLI:NL:RBALM:2010:BN0559, PJ 2011/13
21
Faillissement/schuldsanering
Recht op afkoop en begunstigingswijziging
•  Onredelijkheidstoets wordt niet beïnvloed door (verkeerde) keuzen
die betrokkene in het verleden heeft gemaakt bij het aanwenden
van zijn vermogen
•  Zie Rb. Haarlem 29 april 2011, ECLI:NL:RBHAA:
2011:BQ4139, PJ 2011/114
•  Bij de vraag of sprake is van onredelijke benadeling staat primair
het belang van de begunstigde voorop.
•  Art. 67 lid 1 Fw: tegen beschikking van R-C binnen 5 dagen hoger
beroep bij rechtbank mogelijk
22
Faillissement / schuldsanering
Voorbeelden onredelijke benadeling
•  Levensverzekering met verzorgingskarakter
• 
ook aan een verzekering die niet tot een lijfrente moet leiden kan een verzorgingskarakter
ten grondslag kan liggen (Kamerstukken I 1997/98, 22 969 en 23 429, nr. 297, p. 4)
•  Levensverzekering is de enige oudedag- of
nabestaandenvoorziening
•  Verzekeringnemer/verzekerde kan gezien zijn
gezondheidstoestand geen nieuwe verzekering meer op zijn leven
afsluiten
23
Faillissement / schuldsanering
Voorbeelden onredelijke benadeling
•  Afkoop leidt tot fiscale claim
•  Verzekering is premievrij gesteld i.v.m. arbeidsongeschiktheid
•  Verzekerde heeft een zeer slechte gezondheidstoestand en zijn
levenskansen zijn klein; te verwachten valt dat de uitkering op korte
termijn opeisbaar wordt
24
Faillissement / schuldsanering
Voorbeelden jurisprudentie onredelijke benadeling
•  Gerechtshof Amsterdam 17 maart 2006,
ECLI:NL:GHAMS:2006:AX6768, PJ 2006/36 m.nt.
Kalkman PJ 2006/52
•  Uitwinning lijfrenteverzekering leidt tot onredelijke
benadeling. Totaal aan uitkering gaan de naar
maatschappelijke opvattingen normale kosten van
levensonderhoud niet te boven.
•  Rechtbank Arnhem 6 december 2007, ECLI:NL:RBARN:
2007:BC1186, PJ 2011/11 m.nt. Kalkman onder PJ
2011/13
•  Afkoop kapitaalverzekeringen die oorspronkelijk
waren verbonden aan de hypotheek niet onredelijk
bezwarend.
25
Faillissement / schuldsanering
Voorbeelden jurisprudentie onredelijke benadeling
• 
• 
De bestemming van de verzekeringen ten tijde van het sluiten is
doorslaggevend. Het doet in beginsel niet ter zake welke bestemming
er door de verzekeringnemer ten tijde van het faillissement aan
gegeven wordt. Commentaar: In principe juist, tenzij de verzekering
na het sluiten zodanig is gewijzigd of de persoonlijke omstandigheden
van de verzekeringnemer zodanig zijn veranderd dat een verzekering
het karakter van een oudedags- of nabestaandenvoorziening heeft
gekregen.
Rechtbank Haarlem 29 april 2011, ECLI:NL:RBHAA:2011:BQ4139, PJ
20114/114:
•  afkoop beleggingsverzekeringen onredelijk. Verzekeringen zijn
gesloten als ‘pensioenvoorziening’ en hebben een
verzorgingskarakter. Totaal aan uitkering gaan de naar
maatschappelijke opvattingen normale kosten van levensonderhoud
niet te boven.
26
Faillissement / schuldsanering
Voorbeelden jurisprudentie onredelijke benadeling
•  Rb. Oost-Brabant 1 februari 2013, ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ0566,
PJ 2013/109 afkoop gerichte lijfrenteverzekering leidt tot
onredelijke benadeling.
27
Faillissement en schuldsanering
01-01-2005
Faillissement
01-06-2005
Curator wil begunstiging wijzigen;
doet verzoek bij Rechter Commissaris
01-08-2005
Toestemming van Rechter Commissaris
15-08-2005
Curator doet verzoek tot begunstigingswijziging
28
Faillissement / schuldsanering
Overdracht van de verzekering
•  Slechts met schriftelijke toestemming van de verzekeringnemer
mag curator/bewindvoorder de rechten uit de verzekering
overdragen (art. 22a lid 2 Fw)
•  Geen onredelijkheidstoets omdat verzekeringnemer akkoord moet
gaan met overdracht
•  Zie Hof Amsterdam 17 maart 2006, ECLI:NL:GHAMS:
2006:AX6768, PJ 2006/36 m.nt. Kalkman PJ 2006/52 waarin
ten onrechte overdracht van rechten als
uitwinningsmogelijkheid wordt genoemd.
29
Faillissement / schuldsanering
Onherroepelijkheid van de begunstiging
•  Onherroepelijkheid begunstiging na faillissementsverklaring /
toepassing schuldsanering, kan niet aan boedel worden
tegengeworpen (art. 22a lid 4 Fw)
•  Curator/bewindvoerder kan begunstiging binnen redelijke termijn
wijzigen
•  Verzekeraar dient uitkering onder zich te houden, totdat is beslist
over begunstigingswijziging
30
Bevrijdende betaling door verzekeraar
•  Verzekeraar onbekend met faillissement verzekeringnemer ten
tijde van het opeisbaar worden van de uitkering en uitbetaling aan
de begunstigde die heeft aanvaard (art. 22a lid 5 Fw)
•  Kan ook spelen indien de echtgenoot van een in gemeenschap
van goederen gehuwde failliete verzekeringnemer een
verzekering heeft gesloten.
•  Curator/bewindvoerder heeft wel verhaal op begunstigde
(Kamerstukken II 2001/02, 19 529, nr. 8, p. 7).
31
Begunstigingswijziging en einde van het
faillissement
•  Indien begunstiging is gewijzigd, vervalt deze door het
einde van het faillissement/de schuldsaneringsregeling
32
Vereffening van een nalatenschap en uitwinning van
een levensverzekering
•  Bij vereffening van een nalatenschap kan de vereffenaar
geconfronteerd worden met:
•  een levensverzekering ten name van de erflater die door diens
overlijden niet tot uitkering is gekomen;
•  een begunstiging bij levensverzekering die aangemerkt moet
worden als een fictief legaat.
33
Vereffening van de nalatenschap
•  Artikel 4:215 lid 5 BW
•  Verzekeringen ten name van de erflater die niet door diens
overlijden tot uitkering zijn gekomen
•  Artikel 22a Fw van overeenkomstige toepassing
•  Curator = vereffenaar, rechter - commissaris = kantonrechter,
verzekeringnemer = erfgenamen dan wel echtgenoot van de
erflater
34
Vereffening van een nalatenschap en uitwinning van
een levensverzekering
•  Levensverzekering ten name van de erflater die door diens
overlijden tot uitkering is gekomen
•  Een door de rechter benoemde vereffenaar kan de uitkering van de
begunstigde terugvorderen, binnen drie jaar nadat de uitkering
opeisbaar is geworden (art. 4:216 jo. 4:128 BW).
•  Moet gaan om een begunstiging die kan worden aangemerkt als
een ‘fictief legaat’
•  De begunstiging bij levensverzekering voor zover de uitkering die
door het overlijden van de verzekeringnemer/verzekerde als gift
geldt, voor de toepassing van hetgeen in boek 4 BW is bepaald
betreffende inkorting en vermindering, aangemerkt wordt als fictief
legaat (art. 4:126 lid 2 onder b BW).
35
Wanneer is er sprake van een gift?
• 
Als de erflater/verzekeringnemer een derde heeft aangewezen als
begunstigde en deze persoon geen natuurlijke verbintenis heeft jegens de
erflater/verzekeringnemer
• 
• 
• 
• 
Natuurlijke verbintenis: acht slaan op de omstandigheden van het
geval, waaronder de wederzijdse welstand en behoefte van partijen.
(HR 15 september 1995, nr. 15768, NJ 1996, 616; HR 1 oktober 2004,
ECLI:NL:HR:2004:AO9558, NJ 2005, 1 m.nt WMK);
Bepalend is het moment van verrichten van de prestatie; niet van
belang is hoe partijen er later financieel blijken voor te staan (HR 17
oktober 1997, nr. 16411, NJ 1998, 692).
Zie Hof Amsterdam 27 september 2011, ECLI:NL:GHAMS:
2011:BT8650, PJ 2012/131 m.nt. Kalkman; HR 17 mei 2013,
ECLI:NL:HR:2013:BZ3643, NJ 2013/488 m.nt. S. Perrick.
Aanwijzing die niet kan worden aangemerkt als gift als er sprake is van
een in rechte afdwingbare verbintenis, zoals een pensioen- of
alimentatieverbintenis, een tot een rechtens afdwingbare verbintenis
omgezette natuurlijke verbintenis en de nakoming van bedingen in de
sfeer van kredietverleningen
• 
Zie HR 6 oktober 1995, PJ 1995/70 m.nt. Kalkman
36
Terugvorderingsrecht beperkt door
onredelijkheidscriterium
•  Indien sprake is van een ‘fictief legaat’ moet de begunstigde de
uitkering aan de vereffenaar betalen voor zover dit niet, alle
omstandigheden in aanmerking genomen, onredelijk is (art. 4:128
BW)
37