Postbus 90801 2509 LV Den haag 06-8353 4617 - SZW

Download Report

Transcript Postbus 90801 2509 LV Den haag 06-8353 4617 - SZW

O O O
O O O
stichting vervroegi
/ensiniddelenbedrijf
Ministerie van Sociale Zaken en
Werkgelegenheid
Directie Uitvoeringstaken
Arbeidsvoorwaardenwetgeving
Afdeiing CAV
T.a.v. mw. P.L.J. van Delft
Postbus 90801
2509 LV Den haag
behandeld door
doorkiesnummer
ons kenmerk
Angelo Kastrop
06-8353 4617
AKA28062013001
onderwerp
datum
Jaarverslag 2012
28 juni 2013
Geachte mevrouw Van Delft,
Hierbij doen wij u, in drievoud, het jaarverslag 2012 en de accountantsverklaring van de Stichting
Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf toekomen.
Mocht u nog vragen of opmerkingen hebben dan kunt u mij bereiken op bovenstaand telefoonnummer of
via de email: [email protected]
Mef vriendelijke groet,
NameijSTStichting Vervroegd Uittreden Leveri|middelenbedrijf,
I Kastrop
Fondssecretaris
Syntrus Achmea Pensioenbeheer
Bijlagen
Jaarverslag 2012 VUT Levensmiddelenbedrijf
Accountantsverklaring
postadres postbus 3183 3502 GD Utrecht | bezoekadres Rijnzathe 10 3454 PV De Meern |
telefoon (030) 245 39 22 | fax (030) 245 35 72 | kvk 41183942 |
5
t
Stichting Vervroegd Uittreden
Levensmiddelenbedrijf
Jaarverslag 2012
colofon
administrateur
Syntrus Achmea Pensioenbeheer NV.
Rijnzathe 10, 3454 PV De Meern
Postbus 3183, 3502 GD Utrecht
telefoon (030) 245 39 22
Inhoud
1
Kerncijfers
5
2
Algemene gegevens
7
3
Verslag
9
3.1
Inleiding
9
3.2
CAO, statuten en reglement
9
3.3
Inhoud van de regeling
3.4
VUT-breuk
11
9
3.5
Vrijstelling van premiebetaling
11
3.6
Premie
11
3.7
Begroting
11
3.8
VUT-uitkeringen
12
3.9
Financieel beleid
12
3.10
Risicomanagement en beleggingsbeleid
12
3.11
Belangrijke bestuurlijke voornemens en besluiten na balansdatum
13
3.12
Toekomstparagraaf
13
3.13
Slotopmerkingen
13
4
Jaarrekening
14
4.1
Balans per 31 december 2012 na resultaatverdeling
14
4.2
Staat van baten en lasten over het boekjaar 2012
16
4.3
Algemene toelichting
17
4.4
Toelichting op de balans
19
4.5
Toelichting op de staat van baten en lasten
23
5
Overige gegevens
27
5.1
Bestemming van het saldo van baten en lasten
27
5.2
Gebeurtenissen na balansdatum
27
5.3
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant
28
1 Kerncijfers
Meerjarenoverzlcht
2012
2011
2010
2009
2008
Lopende uitkeringen (ultimo jaar)
413
603
749
709
706
Toegekende VUT-uitkeringen
21
243
155
168
160
VUT-gerechtigde leeftijd
60 jaar
60 jaar
60 jaar
60 jaar
60 jaar
7 maanden^
7 maanden^
7 maanden^
7 maanden^
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
1,00%
Premiebaten
-76
-70
-293
1.658
12.245
Beleggingsopbrengsten
210
490
306
822
2.389
Uitkeringslasten
8.004
11.433
13.972
22.809
2.911
Saldo boekjaar
1.462
-301
9.062
-19.917
12.803
Aantallen
Premiepercentage
5 maanden ^
Financiële gegevens (x€ 1.000)
'
Eigen vermogen
18.033
16.571
16.873
7.811
27.728
VUT-verplichtingen
12.155
21.631
32.373
55.241
46.373
1
Uittreedleeftijd voor deelnemers geboren in 1948.
2
Uittreedleeftijd voor deelnemers geboren in 1949
Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
pagina 5 j 31
2 Algemene gegevens
Naam en vestigingsplaats
Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf is statutair gevestigd te Utrecht.
Bestuur
Het bestuur is paritair samengesteld. Per 31 december 2012 bestond het bestuur uit de volgende leden:
Leden werkgevers
Plaatsvervangers
Benoemende organisatie
Datum aftreden
H.H. van der Geest
mr. P.E.H. Hoogstraaten
1)
01-01-2016
drs. P.J. Verhoog
drs. J. Kat
2)
01-01-2014
G.W. Wegh
H.J. Boer
3)
01-01-2015
Leden werknemers
Plaatsvervangers
Benoemende organisatie
Datum aftreden
1. van Duijn-Pennenburg
H.B.M. Grutters
4)
01-01-2013
J.M.J.J. de Keijzer
H.B.M. Grutters
4)
01-01-2013
drs. F.A.M. Monsma
-
5)
01-01-2014
In het verslagjaar deed zich de volgende wijziging voor in de bestuurssamenstelling. De heer Breunesse is teruggetreden als bestuurslid
van de Stichting en opgevolgd door de heer Monsma.
In 2012 fungeerde mevrouw I. van Duijn- Pennenburg als voorzitter van de Stichting en de heer H.H. van der Geest als vice-voorzitter..
In het verslagjaar kwam het bestuur tweemaal bijeen en wel op 11 juni en 12 november 2012.
Mevrouw Van Duijn-Pennenburg is in 2013 teruggetreden als bestuurslid en opgevolgd doorde heer H.B.M. Grutters. In 2013 is de heer
De Keijzer herbenoemd in het bestuur namens FNV Bondgenoten.
Organisaties
1)
Vakcentrum Levensmiddelen
Blekerijlaan 1
3447 GR Woerden
Telefoon (0348) 41 97 71
2)
Vereniging van Grootwinkelbedrijven in Levensmiddelen
Postbus 182
2260 AD Leidschendam
Telefoon (070) 444 25 87
3)
Nederlandse Vereniging van Coöperatieve Werkgevers
Adriaan van Ostadelaan 122
3583 AM Utrecht
Telefoon (030) 251 15 19
4)
FNV Bondgenoten
Postbus 9239
1006AE AMSTERDAM
Telefoon (020) 585 6000
Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
pagina 7 j 31
5)
CNV Dienstenbond
Postbus 3135
2130 KC Hoofddorp
Telefoon (023) 565 10 52
Accountant
KPMG Accountants N.V.
Administrateur
Syntrus Achmea Pensioenbeheer N.V. statutair gevestigd te Amsterdam en kantoorhoudende te De Meern.
Jaarverslag 2 0 1 2
pagina 8 j 3 1
3 Verslag
Verslag over het drieëndertigste boekjaar lopende van 1 januari 2012 tot en met 31 december 2012.
3.1 Inleiding
Het is ons een genoegen hierbij verslag uit te brengen over het boekjaar 2012 van Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf.
In dit verslag wordt de inhoud van de VUT-regeling uiteengezet. Daarnaast komen de wijzigingen in de statuten en reglement die in
2012 zijn doorgevoerd aan de orde. Tevens wordt aandacht besteed aan de premie-inning en wordt een overzicht gegeven van het
aantal (toegekende) VUT-uitkeringen.
3.2 CAO, statuten en reglement
De CAO voor het Levensmiddelenbedrijf inzake Vervroegd Uittreden is tezamen met de statuten en het reglement van de Stichting - die
een integrerend deel uitmaken van deze CAO - algemeen verbindend verklaard tot en met 31 december 2014. Dit is gepubliceerd in de
Staatscourant van 20 december 2010.
Wijziging AOW ingangsdatum
Ingaande 1 april 2012 is de AOW-ingangsdatum gewijzigd van de eerste van de maand waarin de betrokkene 65 jaar wordt naar de
verjaardag zelf. Deze wijziging heeft gevolgen voor de inkomenssituatie van de uitkeringsgerechtigden bij de Stichting. Voor
deelnemers in de VUT- regeling ontstaat een AOW-gat in de periode tussen het einde van de VUT-aanvullingsuitkering inclusief
prepensioen en het begin van de AOW-uitkering. Dit gemis is maximaal één maand. Het bestuur van Stichting Vervroegd Uittreden
Levensmiddelenbedrijf heeft in 2012 besloten dit gemis aan inkomsten eenmalig te compenseren.
Dit heeft geleid tot een aanpassing van de artikelen 7 en 14 van het VUT reglement.
3.3 Inhoud van de regeling
Het doel van Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf is om oudere werknemers in het levensmiddelenbedrijf in de
gelegenheid te stellen vervroegd uit het arbeidsproces te treden, door het toekennen van een inkomensvervangende uitkering.
Per 1 januari 2004 is een gewijzigde pensioenregeling van Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor het Levensmiddelenbedrijf in werking
getreden. Deze regeling bevat een prepensioenregeling die een reële uittreding op 62-jarige leeftijd mogelijk maakt. In tegenstelling tot
de VUT-regeling bouwen werknemers in de prepensioenregeling een persoonlijk recht op om voor het 65^ levensjaar te kunnen stoppen
met werken. Per 1 januari 2006 is wederom de pensioenregeling van de Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor het
Levensmiddelenbedrijf gewijzigd. Deelnemers geboren voor 1950 blijven echter deelnemen aan de regeling die per 1 januari 2004 in
werking is getreden. Voor deelnemers geboren na 1949 is de VUT afgeschaft.
De VUT uitkering bedraagt bruto 100/108ste van 80% van het loon over het kalenderjaar vóór de ingangsdatum van de uitkering,
vermeerderd met eventuele Cao-verhogingen in het lopende kalenderjaar tot de dag van uittreden. Deze uitkering is tenminste gelijk aan
het wettelijk minimumloon, verminderd met het werknemersaandeel in de - na uittreding - niet meer verschuldigde sociale
verzekeringspremies, en ten hoogste gelijk aan een twaalfde van 100/108ste van 80% van de premiegrens voor de sociale
werknemersverzekeringen. De vakantietoeslag wordt in de maand mei uitgekeerd.
r Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
pagina 9 j 31
Voor werknemers die tussen 1944 en 1949 geboren zijn, is de prepensioenregeling van de Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor het
Levensmiddelenbedrijf of de Stichting Coöp Pensioenfonds van toepassing. De standaardleeftijd om met prepensioen te gaan is 62 jaar.
Omdat niet iedereen individueel voldoende prepensioen heeft opgebouwd, gelden een aantal overgangsmaatregelen.
De eerste overgangsmaatregel is de geleidelijke afbouw van de VUT-regeling. Deze maatregel compenseert de afschaffing van VUT
dooreen VUT-uitkering te verstrekken tot 62 jaar. Deelnemers die geboren zijn tussen 1 augustus 1948 en 31 december 1948 hebben,
wanneer zij voldoen aan de reglementaire eisen, vanaf de leeftijd van 60 jaar en vijf maanden recht op deze VUT-uitkering. Deelnemers
die geboren zijn tussen 1 januari 1949 en 31 mei 1949 hebben, wanneer zij voldoen aan de reglementaire eisen, vanaf de leeftijd van 60
jaar en zeven maanden recht op deze VUT-uitkering.
De tweede overgangsmaatregel betreft de opbouw van aanvullend prepensioen. Deze maatregel is van toepassing voor de werknemers
die op 31 december 2003 en 1 januari 2004 deelnemer waren bij de Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor het Levensmiddelenbedrijf
en wordt vanuit het pensioenfonds gefinancierd. Deze maatregel compenseert de gemiste opbouwjaren prepensioen door voor ieder
jaar dat de werknemer vanaf 1 januari 2004 deelnemer blijft een extra opbouw van maximaal 2% toe te kennen.
De derde overgangsmaatregel, geldt voor werknemers geboren in 1946, is de aanvulling prepensioen tot VUT-niveau. Deze maatregel
compenseert het bruto verschil tussen de hoogte van de prepensioen- en de VUT-uitkering door het opgebouwde prepensioen en
aanvullend prepensioen aan te vullen tot 80% van het laatstverdiende (pensioengevend) loon. Deze VUT-aanvulling wordt alleen
verstrekt wanneer het deelnemerschap zonder onderbreking wordt voortgezet tot 62 jaar en de deelnemer 10 jaar onafgebroken
deelnemer is geweest bij Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf.
De vierde overgangsmaatregel is de aanvulling ouderdoms- en nabestaandenpensioen. Deze maatregel compenseert de gemiste
opbouw ouderdoms- en nabestaandenpensioen tussen 62 en 65 jaar. In de nieuwe regeling stopt de opbouw immers drie jaar eerder, op
62-jarige leeftijd. Wanneer de deelnemer in aanmerking komt voor een VUT-aanvulling op het prepensioen, dan wordt tijdens de
prepensioenperiode de opbouw van het ouderdomspensioen en nabestaandenpensioen voortgezet.
De staffel met uittreed leeftijden is als volgt vastgesteld:
Geboren voor 1946:
60 jaar
Geboren in 1946:
60 jaar en 1 maand
Geboren in 1947:
60 jaar en 3 maanden
Geboren in 1948:
60 jaar en 5 maanden
Geboren in 1949:
60 jaar en 7 maanden
De werknemers geboren in de jaren zoals in de staffel opgenomen hebben recht op een VUT-uitkering tot 62 jaar (laatste uitkeringsjaar
was 2011). Van 62- tot 65-jarige leeftijd hebben zij recht op een VUT-aanvulling op de prepensioenuitkering.
Ingaande 1 april 2012 is de AOW-ingangsdatum gewijzigd van de eerste van de maand waarin de betrokkene 65 jaar wordt naar de
verjaardag zelf. Deze wijziging heeft gevolgen voor de inkomenssituatie van de uitkeringsgerechtigden bij de Stichting. Voor deelnemers
in de VUT- regeling ontstaat een AOW-gat in de periode tussen het einde van de VUT-aanvullingsuitkering inclusief prepensioen en het
begin van de AOW-uitkering. Dit gemis is maximaal één maand.
Verhoging VUT-uitkering en VUT-aanvulling
Als de in, de voor betrokkene vóór zijn uittreden geldende, CAO opgenomen lonen worden verhoogd, worden deze verhogingen
eveneens toegepast op de VUT-uitkeringen. In het verslagjaar zijn de VUT-uitkeringen verhoogd met 2% per 1 augustus 2012.
r
Jaarverslag 2 0 1 2
pagina 1 0 j 3 1
3.4 VUT-breuk
Het komt voor dat een werknemer pas op latere leeftijd gaat werken voor een werkgever die valt onder de VUT-regeling terwijl deze
werknemer daarvóór werkzaam was bij een werkgever vallend onder de werkingssfeer van een andere VUT-regeling.
De kans is daardoor aanwezig dat deze werknemer niet voldoet aan de 10-jaren eis. Het gevolg is een zogenaamde VUT-breuk.
Dit probleem speelt in het levensmiddelenbedrijf des te meer, omdat er binnen deze branche verschillende VUT-regelingen van
toepassing zijn of waren. Gevolg van één en ander is dat werknemers die wel altijd in het levensmiddelenbedrijf werkzaam zijn geweest,
met de nadelige gevolgen van VUT-breuk kunnen worden geconfronteerd.
De Stichting streeft er naar de nadelige gevolgen van VUT-breuk zoveel mogelijk te voorkomen. Met Stichting Vervroegd Uittreden
Detailhandel in Aardappelen, Groenten en Fruit en Stichting Vervroegd Uittreden Drogisterijbranche is daartoe een
wederkerigheidovereenkomst gesloten. Bestaat er geen wederkerigheidovereenkomst, dan kan door de Stichting, als de
omstandigheden van de situatie daartoe aanleiding geven, een eenmalige oplossing worden gezocht in de vorm van een
kostenverdeling. De VUT-lasten worden dan naar evenredigheid verdeeld over de Stichting en het andere VUT-fonds waar betrokkene
voorheen onder viel.
Op basis van afspraken inzake de kostenverdeling voor uitkeringontvangers die in de laatste tien jaar voor de ingangsdatum van de
uitkering ook onder een ander VUT-fonds vielen (zogenaamde wederkerigheidsafspraken), had de Stichting ultimo 2012
€ 634.819 aan schulden en € 509.377 aan vorderingen op andere VUT-stichtingen.
3.5 Vrijstelling van premiebetaling
Op grond van artikel 16 van de statuten kan een werkgever die zelf een VUT-regeling heeft getroffen, op zijn verzoek onder bepaalde
voorwaarden worden vrijgesteld van de verplichting tot betaling van een bijdrage aan de Stichting.
Eveneens kan worden vrijgesteld een werkgever in of voor wiens onderneming een pensioenregeling geldt op grond waarvan aan alle
personeelsleden in de onderneming een ouderdomspensioen in uitzicht wordt gesteld, dat uiterlijk ingaat op de eerste dag van de
maand volgend op die waarin voor het eerst aanspraak op een uitkering krachtens de regeling van de Stichting kan worden gemaakt.
3.6 Premie
De door de werkgever voor het jaar 2012 aan de Stichting af te dragen bijdrage was vastgesteld op 0,00% (2011: 0,00%) van het
premieplichtig loon van alle werknemers in de onderneming.
3.7 Begroting
Ingevolge Richtlijn 640, lid 204, inzake de verslaglegging van organisaties zonder winststreven, dient de Stichting de begrotingscijfers in
de staat van baten en lasten op te nemen. Van deze verplichting wordt een fonds ontslagen indien de begroting slechts in beperkte mate
als sturingsmiddel wordt gehanteerd. Dit laatste is voor dit fonds het geval.
r stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
pagina 11 j 31
3.8 VUT-uitkeringen
Het hierna volgende overzicht geeft de ontwikkeling van het aantal aanvragen en uitkeringen in 2012 weer.
Ontwikkeling van het aantal uitkeringen
Lopende uitkeringen/ aanvullingen per 31 december 2011
603
VUT aanvullingen toegekend in 2012
21
VUT beëindigd in 2012
-211
Lopende uitkeringen/ aanvullingen per 31 december 2012
413
3.9 Financieel beleid
Bij het VUT-fonds is eind 2012 een voorziening getroffen voor toekomstige VUT-verplichtingen van in totaal € 12.155.389. Deze
voorziening bestaat uit verplichtingen voor twee groepen deelnemers.
1.
voor deelnemers die al een uitkering krijgen vanuit de Stichting: € 5.872.350.
2.
voor werknemers waarvan wordt venwacht dat zij binnen de CAO-periode (tot en met 31 december 2014) alsnog gebruik zullen
maken van de VUT-regeling: € 6.283.039. Dit bedrag is bepaald op basis van het aantal deelnemers dat in deze periode zal
voldoen aan de voorwaarden voor een uitkering.
3.10 Risicomanagement en beleggingsbeleid
Vanuit de maatschappelijke ontwikkeling is het van steeds groter belang om het risico die het fonds loopt te managen. Het belangrijkste
risico dat het bestuur onderkent is het concentratierisico. Concentraties kunnen ertoe leiden dat het fonds bij grote veranderingen in
bijvoorbeeld de waardering(marktrisico) ofde financiële positie van een tegenpartij (kredietrisico) grote (veelal financiële) gevolgen
hiervan ondervindt.
De belangrijkste vorm van concentratierisico in de bezittingen van het fonds is de concentratie van de liquide middelen bij één bank. Om
dit risico te mitigeren zijn de liquide middelen reeds verspreid over meerdere banken. Het restant risico acht het bestuur zeer klein.
De VUT-regeling eindigt ultimo 2014. Het risico kan zich voordoen dat de Stichting niet alle uitkeringen kan voldoen. Het bestuur van de
Stichting heeft het afgelopen jaar regelmatig prognoses opgesteld van de toekomstige kasstromen. Het bestuur ven/vacht dat ultimo
2014 een overschot resteert, en acht het risico dat niet alle uitkeringen kunnen worden voldaan zeer laag.
Beleggingsbeleid
Het fonds belegt haar overtollige gelden. Het bestuur heeft gekozen voor liquiditeitsfondsen en vastrentende waarden (fondsen).
Beleggen brengt risico's met zich mee, zoals markt- en kredietrisico's. Als gevolg van ontwikkelingen in de markt kan de waarde zowel
stijgen als dalen. Tevens brengt het beleggen in fondsen kredietrisico's met zich mee, mogelijkerwijs kunnen de fondsen niet tijdig
liquide gemaakt worden. Het bestuur acht de risico's echter aanvaardbaar laag.
Het fonds belegt niet (direct) in financiële derivaten.
Jaarverslag 2012
pagina 12 j 31
3.11 Belangrijke bestuurlijke voornemens en besluiten na balansdatum
Na balansdatum zijn door het bestuur geen belangrijke stellige voornemens of besluiten genomen die van belang zijn voor de financiële
positie van de Stichting.
3.12
Toekomstparagraaf
Ultimo 2014 eindigt de VUT-regeling. De venwachting van het bestuur is dat alle uitkeringen tot het einde van de regeling betaald kunnen
worden. Op basis van de meest recent opgestelde prognose wordt een overschot venwacht aan het eind van de looptijd van de regeling.
3.13 Slotopmerkingen
Nadere gegevens met betrekking tot de financiële gang van zaken gedurende het afgelopen boekjaar zijn vermeld in de op de volgende
pagina's opgenomen jaarrekening. Wij danken iedereen die in het verslagjaar heeft bijgedragen aan het goed functioneren van de
Stichting.
Utrecht, 28 maart 2013
Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
Namens het bestuur,
H.H. van der Geest, voorzitter
r Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
J.M.J.J. de Keijzer, vice-voorzitter
pagina 1 3 j 3 1
4 Jaarrekening
4.1
Balans per 31 december 2 0 1 2 na resultaatverdeling
Activa
Toelichting
Beleggingen
Liquiditeitenfonds
*)
4.4.1
4.4.1.1
2012
2011
EUR
EUR
30.287.528
38.073.412
30.287.528
Vorderingen
38.073.412
4.4.2
Premiedebiteuren
4.4.2.1
18.276
Nog te ontvangen interest
4.4.2.2
95
2.150
Wederkerigheid
4.4.2.3
509.377
1.154.834
Overige vorderingen en overlopende activa
4.4.2.4
78.620
Liquide middelen
Totaal
4.4.3
13.338
7.625
606.368
1.177.947
136.688
836.125
31.030.584
40.087.484
*) De nummering verwijst naar de toelichting
'
Jaarverslag 2 0 1 2
pagina 14 | 3 1
Passiva
Toelichting
Eigen vermogen
Overige reserves
Voorzieningen
VUT-verplichtingen
2012
2011
EUR
EÜR
4.4.4
18.033.389
16.571.061
18.033.389
16.571.061
12.155.389
21.630.502
4.4.5
Schulden
Belastingen en premies sociale verzekeringen
Pensioenpremie
4.4.6
4.4.6.1
Wederkerigheid
Overige schulden
4.4.6.2
4.4.6.3
Totaal
r stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
80.064
154.327
28.118
797.761
634.819
864.812
98.805
69.021
841.806
1.885.921
31.030.584
40.087.484
pagina 15 | 31
4.2
Staat van baten en lasten over het boekjaar 2012
Toelichting
2012
2011
EUR
EUR
Premiebaten
4.5.1.1
-75.794
-70.476
Beleggingsopbrengsten
4.5.1.2
210.473
489.590
Overige baten
4.5.1.3
26.789
212.055
9.475.113
10.742.201
Onttrekking aan de voorziening
VUT-verplichtingen
-
Bedrijfsopbrengsten
9.636.581
11.373.370
Uitkeringslasten
4.5.2.1
7.020.736
10.285.070
iciale lasten en pensioenpremie
4.5.2.2
912.613
834.837
70.210
313.165
152.121
243.242
Wederkerigheid
Overige bedrijfskosten
4.5.2.3
Bedrijfskosten
Financiële baten en lasten
Totaal
Jaarverslag 2 0 1 2
11.676.314
8.155.680
4.5.3
_
-18.573
_
1.462.328
1.554
-301.390
p a g i n a 16 | 3 1
4.3
Algemene toelichting
Doel
Het doel van de Stichting is om overeenkomstig de bepalingen van de Collectieve Arbeidsovereenkomst voor het
Levensmiddelenbedrijf inzake Vervroegd Uittreden, de statuten en het reglement, voor bepaalde groepen werknemers
de mogelijkheid te openen tot vrijwillige vervroegde uittreding uit het arbeidsproces. Door de Stichting wordt dan een
inkomensvervangende uitkering toegekend.
Grondslagen van waardering, resultaatbepaling en resultaatbestemming
Algemene grondslagen
De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met Richtlijn voor de jaarverslaggeving 640 'Organisaties zonder winststreven'.
Ingevolge Richtlijn 640, lid 204, dient het fonds de begrotingcijfers in de staat van baten en lasten op te nemen. Van deze verplichting
wordt het fonds ontslagen indien de begroting slechts in beperkte mate als sturingsmiddel wordt gehanteerd. Dit laatste is voor het fonds
het geval.
Continuïteit
Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling.
Gebruik van schattingen
De opstelling van de jaarrekening vereist dat het bestuur oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn
op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen, en van baten en lasten. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend
beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige
perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft.
Vergelijking met voorgaand jaar
De grondslagen van waardering en resultaatbepaling zijn, voorzover niet anders vermeld, ongewijzigd ten opzichte van
voorgaand jaar.
Rubriceringswijzigingen
In de toelichting op de balans en de staat van baten en lasten vindt in 2012 in beperkte mate een andere uitsplitsing of
samenvoeging plaats. Deze rubriceringswijzigingen bevorderen het inzicht in de jaarrekening. De vergelijkende cijfers zijn
dienovereenkomstig aangepast.
Waarderingsgrondslagen
Voor zover niet anders is vermeld zijn de activa en passiva gewaardeerd tegen nominale waarde.
Beleggingen
Het liquiditeitenfonds is gewaardeerd tegen marktwaarde. De bi] verkoop gerealiseerde resultaten, alsmede gerealiseerde en
ongerealiseerde waardemutaties worden rechtstreeks verantwoord onder 'rente liquiditeitenfonds'.
Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
pagina 17 j 31
Vorderingen en schulden
Deze posten bestaan uit handels- en overige vorderingen, leningen en overige financieringsverplichtingen, handelsschulden en overige
te betalen posten. Deze posten worden bij de eerste opname verwerkt tegen reële waarde. Indien deze posten niet zijn gewaardeerd
tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst-en-verliesrekening, maken eventuele direct toerekenbare
transactiekosten deel uit van de eerste waardering. Na de eerste opname worden deze posten gewaardeerd tegen geamortiseerde
kostprijs, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Uquide middelen
Deze post wordt bij eerste opname verwerkt tegen reële waarde, vervolgens vindt waardering plaats tegen geamortiseerde kostprijs.
Voorziening
VUT-verplichtingen
De voorziening VUT-verplichtingen heeft betrekking op:
1)
deelnemers die reeds hebben geopteerd voor de VUT-regeling;
2)
deelnemers die onder de bestaande CAO kunnen opteren voor vervroegde uittreding maar dat nog niet hebben
gedaan;
3)
deelnemers die nog niet kunnen opteren voor deelname maar dat tijdens de looptijd van de bestaande CAO in de
toekomst wel kunnen doen;
4)
deelnemers die, vanuit het VUT-fonds recht hebben op een aanvulling op prepensioen.
Alle categorieën zijn volledig in de voorziening opgenomen.
De uitkeringen zijn contant gemaakt tegen een rekenrente van 3% en een indexatie van 2%. Omdat de contante waarde berekend dient
te worden als een gemiddelde van een jaar is hier voor het eerste jaar de helft van berekend. De contante waarde bedraagt hierna
1,0%.Voorts is een opslag sociale lasten gehanteerd. De opslag is gebaseerd op de werkelijke sociale lasten over het huidige boekjaar.
Er is geen rekening gehouden met sterfte.
Schulden op korte termijn
Alle schulden hebben een looptijd korter dan één jaar.
Grondslagen van resultaatbepaling
De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. In het algemeen geldt dat bij het
opmaken van de jaarrekening nog niet alle gegevens definitief zijn vastgesteld. Met name geldt dit voor de verwerking
van deelnemersgegevens. De effecten hiervan worden dan in het volgend jaar verantwoord.
Resultaatbestemming
Het saldo van baten en lasten wordt gedoteerd aan of geput uit het eigen vermogen.
r
Jaarverslag 2 0 1 2
p a g i n a 18 | 3 1
4.4
ToeUchting op de balans
4.4.1 Beleggingen
4.4.1.1 Liquiditeitenfonds
Dit betreft een positie in het Syntrus Achmea Vermogensbeheer Geldmarkt Pool (v/h Interpolis Geldmarktfonds).
2012
EUR
Stand per 1 januari
Correcties vorig boekjaar
Verkopen
Gerealiseerde herwaardering
Ongerealiseerde herwaardering
Stand per 31 december
38.073.412
-634.786
-7.996.357
164.890
680.369
30.287.528
2011
EUR
49.184.727
-11.600.905
120.949
368.641
38.073.412
Het doel van de Pool is een rendement te behalen dat 0,15% boven de benchmark (Eonia) uitkomt. Ten aanzien van het risico is de
Pool gericht op vermogensbehoud, zodat de Geldmarktpool een goed alternatief is voor de bestaande beleggingen in liquide middelen.
Daarom zal de gemiddelde looptijd van de beleggingen in de Geldmarktpool nooit hoger zijn dan 0,5 jaar.
4.4.2
Vorderingen
Alle vorderingen hebben een looptijd korter dan 1 jaar. Tenzij anders is vermeld. De reële waarde wijkt niet materieel af van de nominale
waarde.
4.4.2.1 Premiedebiteuren
De post premiedebiteuren is als volgt opgebouwd:
2012
EUR
Openstaande facturen
Voorziening dubieuze debiteuren
Totaal
63.319
-45.043
18.276
2011
EUR
100.545
-87.207
13.338
Bij de waardering van vorderingen wordt rekening gehouden met het risico van oninbaarheid door hiervoor een voorziening in aftrek te
brengen op het saldo van de uitstaande vorderingen.
Voor gelijksoortige posten met gelijksoortige risico's wordt gezamenlijk een schatting gemaakt van verliezen en risico's op balansdatum.
Deze systematiek om de voorziening vast te stellen wordt gerekend tot de statische methode.
In 2012 is een bedrag van € 26.789 vrijgevallen van de voorziening. (2011: € 18.965 vrijval). Er werd een bedrag van € 15.375 aan
premies over de voorgaande jaren als oninbaar afgeschreven (2011: € 102.756).
Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
pagina 19 | 31
4.4.2.2 Nog te ontvangen interest
De nog te ontvangen interest is als volgt opgebouwd:
2012
2011
EUR
EUR
Rente liquide middelen
95
2.150
Totaal
95
2.150
4.4.2.3 Wederkerigheid
Te vorderen uit hoofde van wederkerigheid
Voorziening voor oninbaarheid
Totaal
2012
2011
EUR
EUR
609.377
1.254.834
-100.000
-100.000
509.377
1.154.834
Dit betreft een te ontvangen bedrag van één of meerdere andere VUT-stichtingen inzake een kostenverdeling voor
uitkeringsontvangers, die in de laatste 10 jaar voor de ingangsdatum van de VUT-uitkering ook onder het andere
VUT-fonds vielen. Hiervan heeft € 280.306 een looptijd langer dan 1 jaar.
4.4.2.4 Overige vorderingen en overlopende activa
Jaarverslag 2012
2012
2011
EUR
EUR
Stichting BPF Levensmiddelen
3.032
9
Excassodebiteuren
589
589
7.027
Diversen
29.499
Te vorderen kosten vermogensbeheer 2011
45.500
-
Totaal
78.620
7.625
pagina 20 j 31
4.4.3
Liquide middelen
De samenstelling van de liquide middelen is als volgt:
2012
EUR
ING Bank
Kas Bank
Totaal
133.666
3.022
136.688
2011
EUR
829.053
7.072
836.125
Onder de liquide middelen worden opgenomen die tegoeden op bankrekeningen die direct opeisbaar zijn.
4.4.4
Eigen vermogen
Overige reserves
Het verloop is als volgt weer te geven:
Stand per 1 januari
Dotatie/geput uit
Stand per 31 december
2012
EUR
2011
EUR
16.571.061
1.462.328
18.033.389
16.872.451
-301.390
16.571.061
De overige reserves dienen overeenkomstig het doel van de stichting ter financiering van een inkomensvervangende uitkering
bij vrijwillige vervroegde uittreding uit het arbeidsproces.
4.4.5
Voorzieningen
De voorziening VUT-verplichtingen heeft betrekking op lopende en toekomstige VUT-uitkeringen. Mogelijke toekomstige
deelnemers zijn volledig in de voorziening meegenomen. Bij vaststelling van de voorziening VUT-verplichtingen is uitgegaan
van een opslag voor sociale lasten van 9,8.% (2011: 8,0%).
Bij de berekening van de voorziening is rekening gehouden met een geprognosticeerde indexatie van 2% en rekenrente van 3%. Omdat
de contante waarde berekend dient te worden als een gemiddelde van een jaar is hier voor het eerste jaar de helft van berekend. De
contante waarde bedraagt hierna 1,0%. (2011: 1,0%).
Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
pagina 21 j 31
4.4.6
Schulden
Alle schulden hebben een looptijd korter dan één jaar, tenzij anders is vermeld. De reële waarde wijkt niet materieel af van de nominale
waarde.
4.4.6.1
Uitkeringen, belastingen en premies sociale verzekeringen
De post is als volgt gespecificeerd:
4.4.6.2
2012
2011
EUR
EUR
Loonheffing
80.064
154.327
Totaal
80.064
154.327
Wederkerigheid
Dit betreft een aan één of meerdere andere VUT-stichtingen te betalen bedrag inzake een kostenverdeling voor uitkeringsontvangers, die in de laatste 10 jaar voor de ingangsdatum van de VUT-uitkering ook onder het eigen VUT-fonds vielen.
Hiervan heeft € 247.964 een looptijd langer dan 1 jaar.
4.4.6.3
Overige schulden
De post is als volgt gespecificeerd:
2012
2011
EUR
EUR
Kosten accountant
7.442
7.140
Administratiekosten
38.974
28.095
Terug te betalen premies aan werkgevers
14.551
1.818
Te betalen kosten vermogensbeheer 2012, respectievelijk 2011
25.639
20.136
Diversen
12.199
11.832
Totaal
98.805
69.021
4.4.7 Niet in de balans opgenomen verplichtingen
Per jaareinde is er geen sprake van niet in de balans opgenomen verplichtingen.
Jaarverslag 2 0 1 2
pagina 2 2 | 31
4.5
Toelichting op de staat van baten en lasten
4.5.1
Baten
4.5.1.1. Premiebaten
De premiebaten zijn als volgt opgebouwd:
2012
EUR
Premie voorgaande jaren
Totaal
-75.794
-75.794
2011
EUR
-70.476
-70.476
De premiebaten voorgaande jaren zijn verantwoord conform de door de werkgevers verstrekte definitieve loonopgaven.
Het premiepercentage voor 2012 is evenals in 2011 0,00%.
4.5.1.2 Beleggingsopbrengsten
2012
EUR
Rente liquiditeitenfonds
Totaal
210.473
210.473
2011
EUR
489.590
489.590
Naast de gerealiseerde rentebaten worden hieronder tevens de gerealiseerde en ongerealiseerde waardemutaties verantwoord.
4.5.13
Overige baten
2012
EUR
Vrijval voorziening van dubieuze premiedebiteuren
Baten uit hoofde van wederkerigheden
Totaal
Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
26.789
2011
EUR
-
18.965
193.090
26.789
212.055
pagina 23 | 31
4.5.2
4.5.2.1
Lasten
Uitkeringslasten
Hieronder zijn de aan het verslagjaar toegerekende uitkeringen opgenomen.
4.5.2.2
Sociale lasten en pensioenpremies
Deze post is als volgt opgebouwd:
4.5.2.3
2012
2011
EUR
EUR
Sociale lasten
76
104.916
Pensioenpremies
912.537
729.921
Totaal
912.613
834.837
Wederkerigheid
Dit betreft de last inzake een aan één of meerdere andere VUT-stichtingen te betalen bedrag inzake een kostenverdeling voor
uitkeringsontvangers, die in de laatste 10 jaar voor de ingangsdatum van de VUT-uitkering ook onder het eigen VUT-fonds vielen.
4.5.2.4
Overige bedrijfskosten
Deze post is als volgt gespecificeerd:
2012
2011
EUR
EUR
Administratiekosten Syntrus Achmea Pensioenbeheer B.V.
157.608
Fee Syntrus Achmea Vermogensbeheer BV. 2012
25.639
102.508
-
Fee Syntrus Achmea Vermogensbeheer B.V. 2011
-
43.636
Fee Syntrus Achmea Vermogensbeheer B.V. 2010
-54.000
52.088
Kosten accountant; controle van de jaarrekening
7.442
7.287
Bestuurskosten
6.038
2.518
16.460
Bureaukosten
8.819
Overige baten en lasten
575
18.745
Totaal
152.121
243.242
Bestuurdersbezoldiging
Onder de bestuurskosten is een bedrag van € 5.330 aan vacatiegelden verantwoord (2011: € 2.050).
Personeel
Het fonds heeft geen personeel in dienst. De beheeractiviteiten worden op basis van een uitvoeringsovereenkomst verricht door
personeel in dienst van Syntrus Achmea Pensioenbeheer dan wel vermogensbeheerder.
Jaarverslag 2 0 1 2
pagina 24 j 31
4.5.3
Financiële baten en lasten
2012
EUR
Rente liquide middelen
Rente premiedebiteuren
Diverse rentebaten en rentelasten
Totaal
4.5.4
2.346
-12.314
-8.605
-18.573
Gebeurtenissen na balansdatum
Na balansdatum hebben zich geen gebeurtenissen voorgedaan met belangrijke financiële gevolgen voor de stichting.
Utrecht, 28 maart 2013
Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelen
Namens het bestuur,
H.H. van der Geest, voorzitter
Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
J.M.J.J. de Keijzer, vice-voorzitter
pagina 25 | 31
2011
EUR
10.046
-5.865
-2.627
1.554
5 Overige gegevens
5.1
Bestemming van het saldo van baten en lasten
Het resultaat boekjaar is gedoteerd aan de overige reserves.
5.2
Gebeurtenissen na balansdatum
Na balansdatum hebben zich geen gebeurtenissen voorgedaan met belangrijke financiële gevolgen voor de Stichting.
'
Stichting Vervroegd Uittreden Levensmiddelenbedrijf
pagina 27 | 31