presentatie welstand Doorslag web

Download Report

Transcript presentatie welstand Doorslag web

Slide 1

Welstand op maat
“beschermen wat moet,
vrijlaten wat kan”


Slide 2

Programma
• 19.30–20.00: Presentatie “Wat is welstand en waarom

willen we het anders?”
• 20.00–20.15: Vragen n.a.v. presentatie
• 20.15-20.25: Pauze
• 20.25-21.40: In groepjes aan de slag met de
welstandskaarten
• 21.40-21.55: Gezamenlijk de resultaten presenteren en
bespreken
• 21.55-22.00: Afsluiting door wethouder Hans Adriani


Slide 3

Inhoud presentatie
• Wat is welstand en wanneer krijgt u ermee te maken?

• Waarom wordt welstand anders?
• Basisprincipes en algemene richtlijnen
• Vertaling in welstandsniveaus

• Welstandsregels in uw wijk Doorslag


Slide 4

Wat zijn welstandsregels?
• Regels over de minimale kwaliteit van een

gebouwontwerp.
• Een ontwerp voldoet aan “welstand” als:
A. Het ontwerp van het gebouw zelf voldoende is.

B. Het ontwerp van het gebouw voldoende past in de
directe omgeving.


Slide 5

Wanneer speelt welstand?
1. U gaat iets bouwen

2. U heeft een vergunning nodig
3. Door uw bouwactiviteit verandert de buitenkant
4. Uw bouwsel blijft langer dan 5 jaar in stand (10)

5. Uw gemeente heeft welstandregels

• Uitzondering: U maakt iets dat naar algemene

maatstaven “te lelijk” is (exces)


Slide 6

Voorbeeld exces

We schrijven aan om het exces ongedaan te maken.


Slide 7

Vergunningsvrij bouwen (1)


Slide 8

Vergunningsvrij bouwen (2)

Basisprincipe: Vergunning verplicht als bouwwerk zichtbaar is
vanuit de openbare ruimte (vanwege welstand)


Slide 9

Toets bouwaanvraag
Wij toetsen uw bouwaanvraag aan:

1) Wat mag u bouwen?
Bestemmingsplan: max. oppervlakte, hoogte, afstanden tot
perceelsgrens en gebruiksmogelijkheden.

2) Wat zijn de bouwtechnische eisen?
Bouwbesluit: Veiligheid (constructie, brand), Gezondheid
(ventilatie, geluid, daglicht), Bruikbaarheid (afmetingen,
aanwezigheid), Energiezuinigheid (isolatie, installaties).
3) Hoe mag het eruit zien?
Welstandsregels


Slide 10

Waarom welstandsregels?
1. De kwaliteit van de openbare ruimte is een algemeen

belang (bewoners, gebruikers, voorbijgangers…)
2. De gemeente behartigt dit algemene belang van
ruimtelijke kwaliteit o.a. door welstandsregels

3. Bouwwerken zijn beeldbepalend voor de beleving en
waardering van ieders dagelijkse werk- en leefomgeving
4. Er moet een redelijk evenwicht zijn tussen individuele
vrijheden en dit algemene belang.
5. We zoeken naar algemene, breed gedragen regels
voor wat ruimtelijke kwaliteit is.


Slide 11

Wat is ruimtelijke kwaliteit?


Slide 12

Wat is ruimtelijke kwaliteit?


Slide 13

Wat is ruimtelijke kwaliteit?


Slide 14

Wat is ruimtelijke kwaliteit?


Slide 15

Regels over “smaak”???


Slide 16

Waarom nieuwe regels?
1) Trend: welstand is op rijksniveau en lokaal al langer

onderwerp van discussie en deregulering.
2) Behoefte: Ook in Nieuwegein behoefte aan
vereenvoudiging van regels en werkwijze.
3) Toetsproces sneller en goedkoper.
4) Imagoverbetering:
• Herkenbare basisprincipes van architectuur (draagvlak).
• Mening vragen van bewoners (participatie).
• Beschermen wat moet, vrijlaten wat kan (begrip)
• Niet “betuttelen” maar inspireren en stimuleren


Slide 17

Basisprincipes van architectuur
• Net als andere vormen van cultuur is architectuur een

afspiegeling van een tijdsbeeld/stijlperiode.
• Na verloop van tijd krijgt die architectuur ook als
zodanig herkenning en waardering.

• De kwaliteit en herkenbaarheid van architectuur volgt uit
de manier waarop invulling is gegeven aan de “zes
basisprincipes van architectuur”.
• Afhankelijk van het welstandsniveau dat we gaan
toekennen, zijn de basisprincipes wel of niet van
toepassing.


Slide 18

DETAILS, MATERIAAL & KLEUR

Basisprincipes en
welstandsniveaus

6

4
3

HOOFDVORM, OMGEVING

Basisprincipe

5

2
1
vrij

normaal

bijzonder

welstandsniveau

streng


Slide 19

Concrete Regel

1.
2.
3.

4.

5.

6.

7.

8.

9.

10.

Basisprincipe
van
architectuur

VER B OU W

De verschijningsvorm moet een logische relatie
Vorm, functie en
hebben met de functie.
constructie
Het constructieprincipe is in logische verhoudingen af Vorm, functie en
te leiden uit de verschijningsvorm.
constructie
Relatie tussen
De hoofdvorm en de uitstraling moeten passen bij de
gebouw en
directe omgeving en de aanwezige hoofdgebouwen.
omgeving
Relatie tussen
De grens tussen openbaar en privé moet duidelijk
gebouw en
herkenbaar zijn
omgeving
De symmetrie, ritmiek, schaal en samenhang in de
Helderheid en
compositie van de gebouwelementen zijn helder,
complexiteit van
rustig en logisch.
de compositie
Helderheid en
Een gebouw heeft voldoende uitdagende elementen
complexiteit van
om interessant en boeiend te zijn.
de compositie
Associaties met
Waardevolle kenmerken van een bepaalde bouw- of
de bouw- of
stijlperiode moeten behouden blijven
stijlperiode
Nieuw- en verbouw mag verwijzen naar een eerdere
Associaties met
stijlperiode maar moet eigentijds zijn en geen
de bouw- of
imitatie.
stijlperiode
Schaal- en
De gevelvlakken worden nader ingevuld in een juiste maatverhoudinge
schaal- en maatverhouding.
n binnen de
gevelvlakken
Schaal- en
Gevelopeningen zijn logisch gepositioneerd in het
maatverhoudinge
gevelvlak en versterken de ruimtelijke werking.
n binnen de
gevelvlakken

N I EU WB OU W

VER B OU W

N I EU WB OU W

VER B OU W

N I EU WB OU W

VER B OU W

N I EU WB OU W

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

11.

Materialen en kleuren passen bij het architectonische
ontwerp, de aard en ontstaansperiode van het
gebouw en de directe omgeving.

Afwerking:
materiaal, kleur
en details

X

X

X

X

X

12.

Overgangen en randafwerkingen zijn zorgvuldig
gedetailleerd.

Afwerking:
materiaal, kleur
en details

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Excessenregeling

X

X

X


Slide 20

Nieuwe regels in Doorslag
Analysekaart:

• Wat voor soort gebouwen zijn er (woningen, kantoren,
winkels, publieke gebouwen)?
• Welke herkenbare bouwstijlen zijn aanwezig?

• Wat zijn de blikvangers/beeldbepalende gebouwen?
• Wat zijn de hoofdroutes en knooppunten?
• Zijn er belangrijke zichtlocaties?


Slide 21

Nieuwe regels in Doorslag
Welstandsniveaukaart:

Factoren die waardetoekenning bepalen:
1. Uw eigen beleving
2. Cultuurhistorische waarde (monument)

3. Karakteristieke waarde (voor een bouwstijl/bouwperiode)
4. Schaarsheid (is de bouwstijl veel/weinig
vertegenwoordigd in Nieuwegein/Nederland)
5. Invloed op de openbare ruimte
6. Beeldbepalend element
7. Hoofdroute, wijkwegen of binnenerven


Slide 22

Nieuwe regels in Doorslag
Welstandsniveaukaart:

• Welke afwijkingen heeft u gevonden in de analyse?
• Welke gebieden/objecten heeft u welstandsniveau streng
gegeven en waarom?

• Welke gebieden/objecten heeft u welstandsniveau vrij
gegeven en waarom?
• Wat vind u van de opzet van deze avond en heeft u

suggesties voor het vervolg?


Slide 23

Nieuwe regels in Doorslag
Terugkoppeling vanuit de groepjes:

1. Welke afwijkingen heeft u gevonden in de analyse?
2. Welke gebieden/objecten heeft u welstandsniveau
streng gegeven en waarom?

3. Welke gebieden/objecten heeft u welstandsniveau vrij
gegeven en waarom?
4. Wat vind u van de opzet van deze avond en heeft u

suggesties voor het vervolg?
VRIJ

NORMAAL

BIJZONDER

STRENG


Slide 24

Vragen/opmerkingen?


Slide 25

Welstand op maat
“beschermen wat moet,
vrijlaten wat kan”


Slide 26

Basisprincipe 1
Vorm, functie en constructie

1.De verschijningsvorm moet een logische relatie hebben
met de functie.
2.Het constructieprincipe is in logische verhoudingen af te

leiden uit de verschijningsvorm.

Goed

vs

Fout


Slide 27

Basisprincipe 2
Relatie tussen gebouw en omgeving (object en

context)
1.De hoofdvorm en de uitstraling moeten passen bij de
directe omgeving en de aanwezige hoofdgebouwen.

2.De grens tussen openbaar en privé moet duidelijk
herkenbaar zijn.

Goed

vs

Fout


Slide 28

Basisprincipe 3
Helderheid en complexiteit van de compositie

1. De symmetrie, ritmiek, schaal en samenhang in de
compositie van de gebouwelementen zijn helder, rustig
en logisch.

2. Een gebouw heeft voldoende uitdagende elementen om
interessant en boeiend te zijn.

Goed

vs

Fout


Slide 29

Basisprincipe 4
Associaties met de bouw- of stijlperiode

1. Waardevolle kenmerken van een bepaalde bouw- of
stijlperiode moeten behouden.
2. Nieuw- en verbouw mag verwijzen naar een eerdere

stijlperiode maar moet eigentijds zijn en geen imitatie.

Goed

vs

Fout


Slide 30


Slide 31

Basisprincipe 5
Schaal en maatverhoudingen

1. De gevelvlakken worden nader ingevuld in een juiste
schaal- en maatverhouding.
2. Gevelopeningen zijn logisch gepositioneerd in het

gevelvlak en versterken de ruimtelijke werking

Goed

vs

Fout


Slide 32

Basisprincipe 6
Afwerking: materiaal, kleur en details

1. Materialen en kleuren passen bij het architectonische
ontwerp, de aard en ontstaansperiode van het gebouw
en de directe omgeving.

2. Overgangen en randafwerkingen zijn zorgvuldig
gedetailleerd.

Goed

vs

Fout