Kleur Lichtbreking in een prisma In 1707 publiceert Isaac Newton zijn Optics met de bevindingen van zijn experimenten: gekleurd licht ontstaat bij de breking.

Download Report

Transcript Kleur Lichtbreking in een prisma In 1707 publiceert Isaac Newton zijn Optics met de bevindingen van zijn experimenten: gekleurd licht ontstaat bij de breking.

Kleur
Lichtbreking in een prisma
In 1707 publiceert Isaac Newton zijn Optics
met de bevindingen van zijn experimenten:
gekleurd licht ontstaat bij de breking van wit
licht in een prisma. Andersom ontstaat wit
wanneer al die kleuren weer worden
samengevoegd.
Hij benoemt analoog aan de toonladder 7
kleuren als echte kleuren die met een prisma
niet verder te breken zijn: rood, oranje, geel,
groen, blauw ( heet nu cyaan), indigo (nu
blauw) en violet.
Kleuren mengen
De Engelse arts en fysicus Thomas Young voegt hier in
1801 nog aan toe dat het oog gevoelig is voor drie
golflengtes die samen het zichtbare lichtspectrum /
kleurenspectrum beslaan.
Hij ontdekte dat de kegelcellen in het netvlies van
gewervelde dieren uit drie typen bestaan elk met een
pigment dat licht absorbeert van een andere golflengte: Rkegels, meest gevoelig voor de rode golflengte, G-kegels
voor de groene golflengte en B-kegels voor de blauwe
golflengte. Wanneer deze kegels worden
blootgesteld aan zonlicht, wordt dat
door de hersens geïnterpreteerd
als wit licht.
Zo kan kleurenblindheid nu goed worden verklaard. Omdat we ook nog grijstinten
kunnen zien, kwam de Duitse psycholoog Ewald Hering in 1920 met een nieuwe
theorie met een extra pigment voor de grijstinten. In 1964 werd alles echter
duidelijk. Toen bewezen Edward F. MacNichol en collega’s aan de Johns Hopkins
Universiteit het bestaan van de drie kleurgevoelige kegeltjes en ontdekten ze
tegelijkertijd in een dieper gelegen laag in het netvlies de grijstintgevoelige staafjes.
Samengevat resulteren deze wetenschappelijke ontdekkingen in de zogenaamde
additieve (=optellende) kleurmenging van licht. Van additieve menging is altijd
sprake bij het gebruik van lichtbronnen zoals lampen, lasers, beeldschermen en
beamers.
additieve (=optellende) kleurmenging van licht
0 tot 255 = 256 nuances
0 = geen blauw
255 = maximum waarde blauw
Cyaan (C)
magenta
Geel (Y)
Ieder kleur heeft 256 mogelijkheden oftewel
256 kleurnuances
(8 bit of 2x2x2x2x2x2x2x2=256)
Deze 256 kleurnuances kunnen we met
elkaar mengen (rood, groen en blauw) en
verkrijgen we 16.777.216 (16,7 miljoen)
kleuren.
(24 bit = 256 x 256 x 256 = 16.777.216 )
Deze kleurmenging wordt 'additief' genoemd
wit
Additieve kleurmenging
B
+
R
=
M
G
+
B
=
C
R
+
G
=
Y
Additieve kleurmenging
Zonder licht is het donker en zie je geen kleur (rand van de figuur). Meng je twee
van de primaire kleuren dan ontstaat een van de kleuren geel, cyaan of magenta
(de secundaire kleuren). Meng je drie primaire kleuren of een primaire met een
secundaire kleur (complementaire kleuren), dan ontstaat kleurloos wit licht (midden
Additieve kleurmenging
Vóór de ontdekkingen van Newton geloofde men dat de kleur van een voorwerp los
van het licht waarbij men ze zag, aanwezig was. Het zat als het ware opgesloten in
het voorwerp zelf. Newton toonde echter aan dat juist het licht de bron van alle
kleuren is. Een voorwerp krijgt kleur door uit het licht zijn eigen kleur te weerkaatsen
en de andere kleuren te absorberen. Met behulp van de figuur kunnen we bepalen
welke kleuren dat moeten zijn. Een groen blad bijvoorbeeld absorbeert blauw en
rood uit het witte zonlicht, het overgebleven groene licht weerkaatst, wordt
opgevangen in onze ogen en wordt daar door de G-kegeltjes gedetecteerd.
De kleurencirkel
De kleurencirkel bij additieve kleurmenging
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleur?
…………………………………..
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleur?
ROOD
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleuren?
…………………… en
……….……………..
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleuren? GROEN en
BLAUW
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleur?
……………………..
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleur? GROEN
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleuren?
……….. en
………….
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleuren?
ROOD en
BLAUW
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleur?
……………………..
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleur?
BLAUW
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleuren?
……….. en
………….
Additieve kleurmenging: Reflectie
Bij elk kleurvlak wordt een gedeelte van het licht weerkaatst, de rest
geabsorbeerd.
Het opgestraalde licht is telkens samengesteld uit de kleuren
ROOD, GROEN en BLAUW.
Zoek uit welk gedeelte van het licht weerkaatst wordt?
Kleuren?
GROEN en
ROOD
Additieve kleurmenging: Reflectie
Additieve kleurmenging: Reflectie
ROOD
Additieve kleurmenging: Reflectie
Additieve kleurmenging: Reflectie
GROEN
Additieve kleurmenging: Reflectie
Additieve kleurmenging: Reflectie
BLAUW
Additieve kleurmenging: Reflectie en absorbtie
Additieve kleurmenging: Reflectie en absorbtie
X
CYAAN
X
Additieve kleurmenging: Reflectie en absorbtie
Additieve kleurmenging: Reflectie en absorbtie
X
X
MAGENTA
Subtractieve kleurmenging
Alle voorwerpen hebben een kleur die wordt veroorzaakt door de reflectie van het
witte licht op het oppervlaktemateriaal. Het oppervlak van een voorwerp is te
vergelijken met een filter dat bepaalde kleuren absorbeert en andere kleuren
reflecteert. De gereflecteerde kleur, of combinatie van kleuren, is hetgeen wij
waarnemen. Dit verschijnsel heet subtractieve kleurmenging. De werking van een
printer is onder andere gebaseerd op subtractieve kleurmenging. Ook alle
voorwerpen om ons heen, waaronder foto’s en drukwerk, danken hun kleuren aan
subtractieve kleurmenging.
Subtractieve kleurmenging
Alle voorwerpen hebben een kleur die wordt veroorzaakt door de reflectie van het
witte licht op het oppervlaktemateriaal. Het oppervlak van een voorwerp is te
vergelijken met een filter dat bepaalde kleuren absorbeert en andere kleuren
reflecteert. De gereflecteerde kleur, of combinatie van kleuren, is hetgeen wij
waarnemen. Dit verschijnsel heet subtractieve kleurmenging. De werking van een
printer is onder andere gebaseerd op subtractieve kleurmenging. Ook alle
voorwerpen om ons heen, waaronder foto’s en drukwerk, danken hun kleuren aan
subtractieve kleurmenging.
Bij transparante lakken, zoals gebruikt in de drukkunst, begint men met een witte
ondergrond die dus wit licht reflecteert. Dit witte licht is een mengsel van licht van
alle golflengten van het zichtbare spectrum, waaronder de lichtprimairen rood, groen
en blauw, die de drie types kleurreceptoren van het menselijke oog prikkelen.
Wat het menselijk oog waarneemt als Wit licht is eigenlijk gewoon het fenomeen
dat het oog ziet van een ongeveer gelijkmatige verdeling van alle kleuren in het
zichtbare spectrum.
Het licht dat een gloeilamp uitzendt
bestaat uit het het hele spectrum van zichtbaar licht.
Als we een Red kleur filter voor het wit licht
houden blokkeren we, of filteren, elke golflengte
van het licht, behalve die in de Rode bereik .
Veel geautomatiseerde Lighting systemen maken gebruik van subtractieve
kleurmenging.
4-inch dual-gelstring scroller
Met behulp van gepatenteerde
De kleuren wisselaar mengt kleuren micro-geëtst dichroïde filters levert de
met twee overlappende gelstrings.
PacificFader ™ een breed gamma van
Met 42 frames van magenta, cyaan kleuren met diepe verzadigen plus een
en geel gel in verschillende intensiteiten.
buitengewone waaier van
pastelkleuren die geschikt zijn voor het
theatrale palet.
Subtractieve kleurmenging
Worden cyaan en magenta over elkaar aangebracht dan worden dus respectievelijk
rood en groen geabsorbeerd en blijft blauw over.
Subtractieve kleurmenging
Worden cyaan en geel over elkaar aangebracht dan worden dus respectievelijk rood
en blauw geabsorbeerd en blijft groen over.
Bij geel en magenta worden groen en blauw geabsorbeerd en ziet men dus rood.
Subtractieve kleurmenging
Primaire substractieve kleuren:
Secundaire substractieve kleuren
Subtractieve kleurmenging
Primaire substractieve kleuren:
Secundaire substractieve kleuren
Complementaire kleuren:
Deze kleuren houden met elkaar verband door het feit dat als wit licht gereflecteerd
wordt door een object van een bepaalde kleur, een gedeelte van het spectrum van
dat licht door het object wordt geabsorbeerd. Het gereflecteerde licht heeft dan de
kleur, die aangevuld (gecomplementeerd) met het geabsorbeerde deel wit licht
oplevert.
De complementaire kleurenparen zijn:
Groen en Magenta
Rood en Cyaan
Blauw en Geel
Een ezelsbruggetje:
De complementaire kleur van Rood is Cyaan
(R eerste letter van RGB,C eerste letter van CMYK)
de complementaire kleur van Groen is Magenta
(G tweede letter van RGB,M tweede letter van CMYK)
de complementaire kleur van Blauw is Yellow
(B derde letter van RGB,Y derde letter van CMYK)
De K is hieraan bijgevoegd omdat inkten nooit zuiver zijn. Zoals rood met groen en
blauw licht wit vormt, zouden cyaan, magenta en gele inkt samen zwart moeten
vormen. Inkten zijn echter nooit perfect zuiver van kleur en dus wordt er een
drukgang met zwart aan toegevoegd.
Complementaire kleuren:
In de tabel hieronder vindt u een overzicht van de mogelijke
invoerprofielen/standaardisatie-instellingen.
Kleurtemperatuur
Ieder soort licht heeft een bepaalde kleurtemperatuur, zo kun je merken
dat 's morgens en 's avonds het licht van de zon veel roder is dan in volle dag.
Om deze kleur te kunnen uitdrukken heeft men het begrip kleurtemperatuur.
De kleurtemperatuur wordt uitgedrukt in Kelvin.
Maar van waar komt dit begrip eigenlijk?
Als men een zwart stuk metaal gaat opwarmen dan zal het bij een bepaalde
temperatuur beginnen gloeien, heeft het stuk metaal 2300 graden Kelvin
dan zal het vooral rood gloeien, bij 5000 Kelvin zal het meer wit licht uitstralen
en bij 10000 Kelvin zal het meer blauw licht uitstralen.
Deze waarden heeft men nu overgenomen om een kleurtemperatuur van bestaande
lichtbronnen te bepalen.
Dus hoe lager de kleurtemperatuur van een lichtbron (vb, lamp, zon,...)
hoe roder en hoe hoger de kleurtemperatuur, hoe blauwer het licht.
Opgepast! kleurtemperatuur heeft dus niets te maken met de warmte van een
lichtbron, maar vertelt ons iets meer over de kleur van een lichtbron.
De volgende tabel geeft je een idee van kleurtemperaturen van
lichtbronnen:
In het alle menselijk waarneembare kleuren staat een lijn met
kleurtemperaturen van licht.