Vrienden in voor- en tegenspoed
Download
Report
Transcript Vrienden in voor- en tegenspoed
Vrienden in voor- en
tegenspoed
EMMA JOHNSON
BOEKMANSTICHTING AMSTERDAM
1 DECEMBER 2014
Bezuinigingen Zijlstra
Meer eigen inkomsten en het creëren van een maatschappelijk
draagvlak:
Er is veel publieke belangstelling voor kunst en cultuur. Die
belangstelling is een belangrijke graadmeter voor
maatschappelijk draagvlak. Publieksbereik en -binding gaan
daarom een grotere rol spelen bij de beoordeling van
aanvragen. Daarbij telt niet alleen de grootte, maar ook de
samenstelling van het publiek. Het is van belang dat
instellingen een breed samengesteld publiek bereiken: breed
in achtergrond, interesse, leeftijd en opleiding.
(Halbe Zijlstra, Meer dan kwaliteit, 2011, p 11)
Cultureel ondernemerschap
Overheid stimuleert een geefklimaat
Culture of ‘asking’ en ‘giving’
Vriendenkringen
Bestaan vaak al jaren
Beproefde manier om extra inkomsten te genereren
en tegelijkertijd een publiek aan een instelling te
binden
In ruil voor hun contributie krijgen vrienden diverse
tegenprestaties
Worden massaal uit de grond gestampt of nieuw
leven ingeblazen
Hét antwoord op de bezuinigingen?
Probleem: stoffig imago
De term ‘vriendschap’
Doorgaans betreft het een relatie tussen mensen
In Engeland en Amerika wordt ook vaak van
‘member’ gesproken, wat meer afstand impliceert
Aristoteles (384 – 322 v.Chr.)
Deugdethiek in Ethica Nicomachea
Het nuttige, het aangename en het goede
Vriendschap is positief:
We prijzen immers mensen die van hun vrienden
houden en men beschouwt het hebben van veel vrienden
als één van de dingen die moreel juist zijn; bovendien
vinden sommige mensen dat goede manieren en
vrienden identiek zijn.
(Aristoteles, Ethica Nicomachea. Vert. Hupperts en
Poortman, p 233)
Geschiedenis: eind negentiende eeuw
Johan Rudolph Thorbecke: ‘kunst is geen
regeringszaak’
Misverstand dat het bevorderen van kunst geen taak
van de overheid is
Emanuel Boekman: het is niet aan de overheid een
kwaliteitsoordeel te vellen
Opkomst van burgerinitiatieven
Geschiedenis: WOII en de jaren daarna
Meer nadruk op overheidsinitiatief door Duitse
bezetter
Oprichting Kulturkammer
Economische zekerheid na WOII behouden
Budgetten daalden niet meer tot vooroorlogse niveau
Geschiedenis: de eenentwintigste eeuw
Bezuinigingen: meer particulier initiatief
Fiscale voordelen als de Geefwet
Jaren ‘80: herontdekking vriendenkringen
Vriendenkringen worden nu steeds belangrijker
De Hermitage
Huidige functies vriendenkringen
Steun vaak tweeledig
Moreel: vrienden creëren maatschappelijk
draagvlak.
Financieel: contributie vormt (na aftrek van de
kosten voor de tegenprestaties) een gift.
Een grote groep weerspiegelt het draagvlak en dat
kan een instelling gebruiken bij haar politieke
lobby.
(S. Jongenelen in Boekman 87, 2011, p. 23)
De geefpiramide
Geïntroduceerd door fondsenwervingsexpert James
Greenfield in 1991.
Financiële steun niet enkel op de korte, maar ook op
de lange termijn:
During the period of their friendship, they will be
encouraged to expand their relationshop to active
involvement that may last a lifetime.
(Greenfield, Fundraising Fundamentals, 2002: p 1.)
De Geefpiramide (2)
Uitgegroeid tot een standaard in
fondsenwervingstheoriën
Marischka Leenaers (Leenaers-Verloop van der
Westen)
De Geefpiramide (3)
Renée Steenbergen:
De vriendenvereniging is niet alleen een
gezelligheidsvereniging voor lezingen en kortingen.
Het is in wezen de geefkring met de laagste instap –
lidmaatschap kost vaak maar enkele tientjes – en
vormt de solide basis van de geefpiramide.
(Steenbergen, De nieuwe mecenas, 2008: p 138)
Structuur Geefpiramide in vriendenverenigingen
Tegenwoordig worden vrienden vaak in lagen
onderverdeeld.
Trends in het geefgedrag van Nederlanders
Geven in Nederland: 2013
In 2011:
- €4,3 miljard naar goede doelen
- Neerwaartse trend in 2011
- Terug te zien bij vriendenkringen. Uit onderzoek
van de Volkskrant blijkt dat meer dan de helft van de
vriendenkringen van de best bezochte musea te
maken heeft met een terugloop van het aantal leden.
(Lotte Grimbergen in de Volkskrant, 8 februari
2014)
Wie geeft aan cultuur?
7% van alle giften in Nederland gaan naar een
cultureel doel
9% van de Nederlandse huishoudens doet een gift
aan cultuur van gemiddeld €36 per jaar
Onder vermogende Nederlanders is dit 33%, met een
gemiddelde gift van €1467 per jaar
Hoogopgeleiden
Randstedelijk gebied
Alleenstaanden en kleine huishoudens
Overwegend 55+
Howard Becker (1928)
Art Worlds (1982)
Een kunstwereld bestaat volgens hem uit
the network of people whose cooperatice activity,
organized via their joint knowledge of conventional
means of doing things, produces the kind of art
works that art world is noted for. (Becker, Art
Worlds, 1982: X)
Kunst is een product van samenwerkingen tussen
verschillende mensen.
Becker: conventies
Taakverdeling binnen samenwerkingen op basis van
conventies
Deze zijn bijna heilig (denk bijvoorbeeld aan een film
crew)
Different groups of participants know different
parts of the total body of conventions used by an art
world, ordinately what they need to know to
facilitate the portion of the collective action in which
they take part.
(Becker, Art Worlds, 1982: 42)
Conventies: vrienden
Binnen vriendenkringen heersen ook conventies
Het bieden van tegenprestaties is bijna
vanzelfsprekend geworden, evenals het de lage
contributie
Instellingen verwachten dienstbare houding
Conventies: vrienden (2)
Jongenelen: vriendenclubs werden in het verleden
wel eens als ‘eigenwijs machtsblok’ afgeschilderd
Onenigheid vrienden met Gemeentemuseum Den
Haag
Geefmotieven: Bekkers & Wiepking
Bekkers, René & Pamela Wiepking. (2011) ‘A
literature review of empirical studies of
philanthropy: Eight mechanisms that drive
charitable giving’, in: Nonprofit & Voluntary Sector
Quarterly, 5, nr. 40: 924-973.
Vergelijking van 500 onderzoeken.
8 mechanismen die gevers bewegen
Awareness of need
Voorwaarde voor steun
Geefdoel moet helder zijn
Hoge noodzaak niet per se beantwoord met hoge
donaties
Massamedia als hulpmiddel
‘Schreeuw om cultuur’
Noodzaak niet altijd duidelijk
Soliciation
Beroep op de gever
Effectiviteit
Cultuur, daar geef je om
Persoonlijke benadering
Costs and benefits
De geldelijke waarde
Afweging kosten/baten
Tegenprestaties bieden?
Werkt onbaatzuchtigheid tegen
Altruism
Gever hecht waarde aan geefdoel
‘crowding out’- effect
Waarschijnlijk wegen andere motieven zwaarder
Reputation
Sociale consequenties
‘Peer pressure’
Geven vaak sociaal wenselijk
Toch gebeurt het vaak anoniem
Vriendenkringen vroeger meer status
Psychological benefits
‘Joy of giving’
‘Self image’
Benaming vrienden
Values
Gevers en goede doelen hebben overeenkomstige
waarden
Eigen regio heeft voorkeur
Komter constateert dat: ‘in de nieuwe samenleving
gevoelens van geworteld zijn in een bepaalde plaats
en gebonden zijn aan collectieve belangen minder
vanzelfsprekend zijn geworden en zelfs hier en daar
verloren zijn gegaan.’
(Komter, Social solidarity and the gift, 2007, p: 173)
Efficacy
Effectiviteit van de gift
Concertgebouw Fonds: omgekeerde piramide
Verdraait beeld van vriendenvereniging
Traditionele vriendenverenigingen
Relatief lage contributie
Vaste tegenprestaties
Voornamelijk oudere leden
Imago
Tegengestelde belangen
Instellingen willen financiële steun en
maatschappelijk draagvlak
Vrienden hebben eigen motivaties
Rendement op lange termijn
Tegenprestaties als investering
Wat wil de instelling bereiken met de
vriendenvereniging?
Een nieuwe garde
Opmars jonge vriendenkringen
Young Stedelijk, FOAM, Vereniging Rembrandt, Het
Concertgebouw
Aanzienlijke bijdragen
Verandering in het geefklimaat
Minder vrienden die meer geven
Young Stedelijk
2014: speciale kring voor jongeren
25-40 jaar
€300 of meer per jaar
Van de Linde: ‘Young Stedelijk is gestoeld op drie
peilers, namelijk het leveren van bijdragen, het
bieden van een inhoudelijk programma en het
creëren van een netwerk.’
Overgewaaid uit Amerika en Engeland
Voorbij de geefpiramide
Beproefd en duurzaam eenerzijds
Harnekkig en achterhaald anderzijds
Wordt tegenwoordig ook vaak omzeild
Conclusie: verschuiving in conventies
Veel veranderingen gaande
Mogelijkheden voor ‘jonge’ vriendenkringen waar
behoeften van instelling en leden goed op elkaar
worden afgestemd
Vragen?